‘Johan Friso had lawine kunnen ontwijken’

Een lawine

MATAQUINTOS – Prins Johan Friso had de lawine die hem vrijdag in Oostenrijk verraste, kunnen ontwijken. Dat stelt lawine-expert José Luís Acosta van de Universiteit van Mataquintos.

Door Jens Mikkelsen

Mijnheer Acosta, om meteen met de deur in huis te vallen: hoe had de prins aan zijn lawine kunnen ontkomen?
Kort gezegd – en dan bouw ik voort op zes maanden lawine-onderzoek in het Andes-gebergte – had hij er met een katachtige beweging overheen kunnen springen en aan de zijkant kunnen gaan staan.

Maar duizenden kilo’s sneeuw hebben zich met een snelheid van minstens honderd kilometer per uur bovenop hem gestort.
Inderdaad, een schoolvoorbeeld van Lawinesituatie 1. Wij onderscheiden in onze benadering van lawines twee situaties.

Wat is situatie 2?
Situatie 2 is ‘geen lawine’.

Oké, laten we uitgaan van situatie 1. Het is in de praktijk toch onmogelijk dat iemand – een skiër, nota bene – met een simpele sprong zo’n lawine ontwijkt?

Hoort u eens, ik heb het zelf ook niet bedacht. Een van onze proefpersonen heeft, vlak voor zijn lawine-experiment, de verwachting uitgesproken dat hij dat kon.

Hoe dacht hij daarover ná zijn lawine-experiment?
Geen idee, we hebben hem nog niet onder de sneeuw vandaan kunnen bevrijden.

Over wat voor soort onderzoek hebben we het eigenlijk?
Gewoon, kwantitatief onderzoek.

En dat houdt in?
(zucht) Dertig lawine-experimenten gedurende zes maanden, waarbij we elke keer vijftig indianen met een vuvuzela de bergen insturen. En dan maar tellen hoeveel er weer levend terugkomen. Het is een door de regering gefinancierd onderzoek, hoor.

U heeft nu de gratis publiciteit die u wilde. Wat volgt?
Mag ik nu óók in het Achtuurjournaal?

REPORTAGE: Leger Managuay verliest slag wegens verouderd wapentuig

Uitzicht op de daken van de bevochten wijk in Mataquintos-Noord

MATAQUINTOS – Het Managuayaanse leger lijkt thuisbasis Mataquintos niet te kunnen verdedigen tegen de oprukkende maoïstische rebellen. Deze laatsten beschikken over veel modernere wapens: sommige bommenwerpers stammen zelfs uit de jaren tachtig.

Door Jens Mikkelsen

Dat is duidelijk te zien wanneer ik in de nacht van donderdag op vrijdag (Nederlandse tijd) plaatsneem op het dak van een schoolgebouw in het noorden van de stad. Op slechts een kilometer van het historische centrum vechten de maoïsten en de militairen straat voor straat hun strijd uit, waarbij de eersten aan de winnende hand zijn. Dit komt primair door het haperende wapentuig van de militairen, die om de haverklap per ongeluk een collega omleggen, of zelfs zichzelf. Het gevecht is vanwege de vele onbedoelde slachtoffers al omgedoopt tot ‘De Slachting bij de Kebabzaak’ – maar dit kan ook een promotiestunt zijn van kebabkoning Mario Hernandez in de Calle de los ángeles, die zojuist drie verse lammeren aan het spit heeft geregen.

Vanaf mijn plek is goed te zien hoezeer de Managuayaanse burgeroorlog, nu een maand onderweg, de internationale aandacht heeft getrokken. Verslaggevers uit buurlanden als Ecuador en Brits Guyana en van bevriende naties als Noord-Korea en Turkmenistan staan, zoals ik, met hun laptop verdekt opgesteld op de daken in de stad. De kogels fluiten je om de oren, maar wie blijft liggen, ziet niks. Dan maar het risico lopen te worden gera


Noot van de hoofdredactie:
Om technische redenen is bovenstaande reportage onvolledig. Ons correspondententeam werkt eraan om haar zo snel mogelijk compleet te maken.

‘Minnares Jack de Vries is Managuayaanse prostituee’


HOOFDDORP – De voormalige ondergeschikte met wie staatssecretaris Jack de Vries van Defensie een affaire had, is een prostituee uit Managuay. Dat zou minister van Financiën Ab Klink hebben gezegd tijdens een informele Playstation-borrel in het huis van minster van Financiën Jan Kees de Jager in Rotterdam.

Tijdens een voor hem dramatisch verlopende eindfase van een potje Grand Theft Auto: The Ballad of Gay Tony, zou Klink schertsend gesmeekt hebben om ‘betaalde liefde uit Zuid-Amerika’, waarbij de naam van De Vries en zijn minnares aan elkaar zouden zijn gekoppeld. Het zou gaan om een vrouw uit Managuay naar wie binnen het ministerie van Defensie een intern onderzoek loopt omdat zij verdacht wordt van spionage en van het verrichten van betaalde, seksuele handelingen ten bate van haar carrière. De vrouw, Mana Hari, was persoonlijk adjudante van De Vries, maar is inmiddels overgeplaatst naar een andere functie binnen Defensie.
De ambassade van Managuay in Den Haag wil over kwestie niets anders kwijt dan dat ‘er wel meer mannen zijn gevallen voor de verlokkingen van een Managuayaanse schone’.
Mana Hari, bijgenaamd ‘De Snor’, is momenteel onvindbaar voor commentaar.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Jungletocht

Opeens houdt junglegids Ramón zijn adem in. Langzaam brengt hij een vinger voor zijn lippen. ‘We zijn niet ver van de moerassen van Canádos,’ fluistert Ramón. ‘Een uniek ecosysteem: 3000 plantensoorten, 250 vogelsoorten, 350 vissoorten, 100 soorten zoogdieren, 60 soorten reptielen.’ Hij kijkt ons aan. ‘Kortom, een levensgrote delicatessenzaak.’ Met normale stem, wijzend op de ketel met de groene staarten over de rand: ‘Iemand nog leguanensoep?’

Een jungletrek in Managuay is een spannende aangelegenheid, maar vooral voor de dieren die zich langs de route ophouden. Elke gids is een slager. Letterlijk: de Managuayaanse Bond van Slagerbedrijven verplicht al zijn leden om twee weken per jaar door te brengen in het regenwoud van Noord-Managuay, ook wel ‘de Groene Keuken’ genoemd. Het is niet de enige beroepsgroep met een ontspannen houding ten opzichte van de jungle.

Neem de politiek: de moerassen van Canádos vormen niet alleen een uniek ecosysteem, maar ook een massagraf met de afgezonken lichamen van 300.000 politieke dissidenten. Of evenementenorganisaties: muziekfestival Misterioso vindt elk jaar plaats op de plek waar de oprichter, houthakker Carlos Llanos, voor het laatst aan het rooien is geweest. Ook leven in het oerwoud duizenden maoïstische rebellen, wier visie op het milieu nog het best blijkt uit een uitgelekt memo uit 2006, waarin ze de Drieklovendam in bevriende natie China omschreven als ‘de doodsteek voor de natuur, maar wel heel gaaf.’

Ramón weet hoe westerlingen hierover denken. ‘Jullie in Europa hebben makkelijk praten, maar ik hou van onze bedreigde diersoorten. Daarom eet ik ze zo graag op. ’ Hij haalt een apenkop uit zijn rugzak en begint te kauwen. Dan beginnen zijn ogen te twinkelen: hij heeft een goede grap bedacht. ‘Als je dieren zo belangrijk vindt, waarom richt je er dan geen politieke partij voor op?’ De hele groep barst in lachen uit.
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Foto José el Rey

Toerisme: Een eindje varen

Volgens sommigen hanteert de toeristische sector in Managuay dezelfde principes als die in westerse landen. Zo zou je, na betaling van relatief veel geld voor het huren van een bootje op de rivier de Jalapeño in het jungleachtige noorden van het land, ervan uit mogen gaan dat je een aangename middag te wachten staat. 
Dat is echter niet het geval. 
Foto Martina Casafresno

Vliegveld Mataquintos: misschien linksaf

Nu de luchthaven van Moskou door een terreuraanslag is getroffen, halen de generaals in Managuay opgelucht adem. Het enige vliegveld van Mataquintos is alleen voor militair gebruik en dus is de route ernaartoe streng geheim. Maar goed, die ene kolonel die nuchter genoeg is om te rijden, maar te aangeschoten om in één keer de weg te vinden, moet zijn Toepolev wel kunnen halen natuurlijk.

PRIJSVRAAG: Wie is deze man?

Foto van een man

Deze maand bestaat nieuwsblog Managuay.blogspot.com één jaar – hoera! Een feestje in Managuayaanse stijl is daarom wel op zijn plaats. Dat betekent: zo goedkoop mogelijk en met veel lelijke mensen. Vandaar deze quiz.

P R I J S V R A A G
Kijk goed naar bovenstaande foto en beantwoord de vraag: Wie is deze man? Echte idiotas, oftewel Managuay-kenners, zullen hem ongetwijfeld kunnen identificeren. De inzending met de juiste naam en best kloppende biografie krijgt een plek in deze kolommen. Laat je inzending als reactie achter onderaan dit bericht. Meedoen kan tot 20 september 2010.
En vertel het aan je vrienden!

UPDATE Mailen kan ook naar managuay@rogerabrahams.nl

Hoogachtend,

Roger Abrahams
Hoofdredacteur
Managuay.blogspot.com

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Peper

Een Fuego Infierno Volcánico

‘Gringo, no toca!’ De marktkoopman kijkt me verschrikt aan. Snel trek ik mijn hand terug, die zojuist nog boven een kist vol glanzend rode vruchten hing. ‘Ik moet Spaanse pepers hebben,’ zeg ik, ter verduidelijking. ‘Spaanse pepers!’ roept de man uit. Hikkend van de lach slaat hij een collega op de schouder. Deze, een wat knorriger type, bitst: ‘Dit is geen gewone peper, mamapinga. Dit is de Fuego Infierno Volcánico. Laat hem één nacht op je keel liggen en je wordt wakker zonder strottenhoofd.’

Elk volk krijgt de groenten die het verdient, en op de Pepermarkt kun je zien wat dat voor Managuay betekent. De markt beslaat eenmaal per maand een hoek van de beroemde Mercado Popular in Mataquintos en biedt een kleurrijke verzameling van het pittige broertje van de paprika: rode, oranje, gele, groene, paarse en bruine chilipepers. En de Fuego Infierno Volcánico dus.

Dat blijkt niet zomaar een hapje, zo leert nadere studie. Sterker nog: de Fuego Infierno Volcánico is de heetste chilipeper ter wereld. Op de Scoville-schaal, die de mate van pittigheid aangeeft, haalt hij maar liefst 7.200.000 punten. Ter vergelijking: een straal pepperspray van een Managuayaanse diender in je oog haalt amper 2.000.000, een broodje lamaburger komt op circa 10.000 (al merk je de jalapeño daarin pas op het toilet). Met de Fuego Infierno Volcánico brengen artsen hier buitenlandse patiënten onder narcose door ze eraan te laten ruiken. Hem vastpakken alleen kost je een nacht op de intensive care, plus het aannaaien van de losgetrokken vellen huid (nóóit wapperen).

Voor Managuayanen echter is de ‘Fuego’ een hartige snack. ‘Ik ben gek op pittig eten,’ zegt Jacky (17). Leunend op een kinderwagen laat ze een zakje vullen met de hete pepers. Ik kijk naar haar gewelfde buik. Is dat niet gevaarlijk, voor zwangere vrouwen? Een schaterlach. ‘Het is niet voor mij!’ Ze wijst naar de baby in de kinderwagen, dan tikt ze op haar tanden. ‘De kleine houdt ons wakker, met zijn geknars. Vannacht leg ik voor straf een peper in zijn mondje. Morgen doet hij het niet meer.’
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Enrique Embargo ‘nationale mental coach’


LA LIBERTINA – Enrique Embargo treedt vandaag aan als Managuays nationale mental coach. Als ‘Avisor Nacional’ zal Embargo, een autodealer uit La Libertina, zonder officiële tegenprestatie levensvragen beantwoorden op het gebied van geluk (hoe zorg ik dat mijn vrouw mijn vreemdgaan niet ontdekt?), werk (hoe vermijd ik het?) en occasions (hoe draai ik een kilometerteller terug?).

De installatie van Embargo is een ludieke promotieactie van de stichting Afbreken, Dan Opbouwen, die de belangen behartigt van geestelijk begeleiders en ondervragingsexperts van de geheime dienst. De keuze voor Embargo, die als autohandelaar een zelfs voor Managuyaanse begrippen dubieuze reputatie heeft opgebouwd, is opmerkelijk: hij leeft in onmin met zijn derde vrouw en heeft circa 300 uur gevangenisstraf achter de rug voor onder meer openbare geweldpleging en alcoholmisbruik. De beweegredenen van Embargo zelf zijn helderder: via Twitter en YouTube roept hij burgers op om hem hun kwesties voor te leggen, alsmede tips omtrent verlaten auto’s langs de kant van de weg.

Zoon Jamón klasgenoot Kim Jong-un

GÜMLIGEN – César Jamón, zoon van de militaire leider van Managuay, blijkt een schoolvriend te zijn geweest van Kim Jong-un, de beoogde dictator van Noord-Korea.

De twee zaten op dezelfde kostschool in Gümligen in Zwitserland, zij het onder pseudoniem. Iedereen kende echter hun identiteit, zo leert een belronde langs oud-klasgenoten, allen telgen uit voorname families. Haroshi Toyota: ‘Wie dat niet doorhad, was oerstom. Als ze familiebezoek kregen in hun studentenflat, gingen ze opeens keiharde marsmuziek draaien.’

De dictatorkinderen kregen aanvullend avondonderwijs, maar speelden in hun schaarse vrije tijd ook met klasgenoten. ‘Meestal wilden ze soldaatje doen,’ herinnert Jean-Pierre Gillette zich. ‘Je was als de dood om door César en Kim gevangen genomen te worden. De anderen draaiden alleen maar je armen op je rug, maar zij kwamen met hele zelfgemaakte martelwerktuigen aanzetten.’ Madison Hewlett-Packard griezelt nu nog bij de gedachte aan de waterboardmachine, gemaakt van oude onderbroeken en lauwe Sisi.

Ondanks deze spellen hielden César en Kim zich doorgaans afzijdig van het groepsgebeuren in hun klas. Norbert Nescafé: ‘Dan zaten ze tijdens de les samen wat te krabbelen op een vel papier. Galgje, meestal.’