Klimaatgrafiek: 26 graden is slechts ‘frisjes’

Wie het vandaag om te puffen vindt, moet bedenken dat onze 26 graden Celsius door een Managuayaan als ‘frisjes’ zal worden omschreven. Bovenstaande klimaatgrafiek geeft aan dat in het Zuid-Amerikaanse Mataquintos doorgaans een redelijk constante 40 graden heerst. En de neerslag? Zie het blauwe balkje.

1861: Eppo Martinus Llull

Naar de Managuayaanse ondernemer Eppo Martinus Llull (1830–1899) – van Nederlandse afkomst, vandaar zijn naam – zijn meer straten genoemd dan deze, in de Catalaanse wijk van Mataquintos. Llull was de man die Managuay bijna eigenhandig industrialiseerde met zijn palm-, ethanol- en gordeldierverwerkende fabrieken op de zuidelijke pampa’s. Hij was ook de eerste Managuayaan met een heldere visie op arbeidsrechten: die vond hij bespottelijk. Van de 300.000 man die hij in 1861 in dienst had, op het hoogtepunt van zijn macht, was twee jaar later 60% overleden. Zijn commentaar: ‘Al werken hier vijf miljoen man, er is maar één Llull. En dat ben ik.’
Door zijn forse postuur werd Llull ook wel ‘De Dikke’ genoemd.

Oppositie bijt zich stuk op cultuurplannen

Aquarelverf

MATAQUINTOS – De oppositie is er gisteren niet in geslaagd een bres te slaan in de regeringsplannen om op cultuur te bezuinigen. Het protest was dan ook verre van massaal: slechts één parlementariër maakte bezwaar.

De minister van Linkse hobby’s, wachtmeester 1ste klasse Virginia Ugarte Ramírez, stelde: ‘Het mag niet zo zijn dat de overheid een automatische stoplap is om slechte bedrijfsvoering bij een culturele instelling te verbloemen. Kijk naar Los Parásitos.’
Los Parásitos was een kunstenaarskwartet waarvan onlangs werd ontdekt dat het zeventien jaar lang 100.000 dollar staatssubsidie per jaar opstreek, terwijl een van de vier deelnemers al lang zijn geld verdiende als reiki-heelmeester en de overige drie waren overleden.

De parlementariër die protesteerde tegen de plannen was een liberaal die vreesde dat zijn favoriete aquarelverf duurder zou worden. De overige leden van het parlement waren bezig met toepen.

BOEKRECENSIE: De Schrik der Vagijnen *

Teatro Colón, Buenos Aires

Vorig jaar onthulde Alejandro Castiglione dat hij werkte aan een ‘erotische tenorenroman’ die hij grappend ‘Liefde in tijden van opera’ noemde. Het resultaat doet echter meer denken aan ‘Honderd jaar sneuheid’.

Door Ben de Faats

Uiteindelijk is de titel van Castigliones boek De Schrik der Vagijnen geworden (El Terror de las Vulvas), waarmee de Managuayaanse bestsellerauteur zich definitief schaart in het rijtje pompeuze pseudoromanciers – iets wat we na het in de Griekse Oudheid gesitueerde pornowerkje O, die Poes! en de vunzige avonturenroman-pastiche De Man met de Rode Pimpernel in zijn Pofbroek al vermoedden.

De Schrik der Vagijnen
is het verhaal van de Italiaanse tenor Manzetti die op zijn sterfbed ligt, precies honderd jaar oud. Hij blikt terug op zijn leven, maar dan vooral op de vele avontuurtjes die hij beleefde in de coulissen van de grote theaters van het Zuid-Amerika van rond 1900. Teatro Colón in Buenos Aires, Teatro Municipal in Lima – Manzetti laat zo’n angstwekkend aantal vrouwen een hoge C produceren dat hij bekend komt te staan als, inderdaad, De Schrik der Vagijnen. Kortom: een verhaal zo dom en zo overduidelijk een excuus om smerigheden te etaleren, dat u zich moet schamen als u deze alinea tot hier heeft uitgelezen zonder uw hoofd minstens één keer tegen de dichtstbijzijnde muur te slaan.

Maar natuurlijk heeft u dat wel gedaan. En u bent de enige niet: uitgevers in onder meer Mexico, Argentinië en Peru hebben al beloofd dat ze Castigliones roman zeker niet in eigen land op de markt gaan brengen. De enige plek waar goedkope kopieën van dit broddelwerk ongetwijfeld van hand tot hand zullen gaan, is het geboorteland van de schrijver: Managuay.

Één ster voor De Schrik der Vagijnen. Ik vond er geen kut aan.

Cultuur: het carnaval van Roipoipú


In grote delen van Managuay viert men sinds gisteren carnaval. Het beroemdst is het carnaval van Roipoipú in het noorden. Verslaggever Jens Mikkelsen geeft een impressie.

Ach, Roipoipú. Toen ik voor het eerst in Roipoipú arriveerde, trof ik een op straat hangende massa die zich te buiten ging aan muziek, alcohol en seks. En dat was nog in september.

Door Jens Mikkelsen

Een halfjaar later keerde ik terug voor het carnaval, en het was één groot festijn. Wie nog steeds denkt dat het wereldberoemde feest staat voor excessief drankgebruik, losbandigheid en besnorde mannen met opdringerig gedrag, heeft het mis. Immers, het zijn juist de vrouwen die doorgaans een snor dragen in dit land.
Nee, wie naar Roipoipú gaat, kan genieten van tal van evenementen, zoals een zeven kilometer lange optocht en een sambadanswedstrijd, en op het Plaza Real vindt rond middernacht vaak een vechtpartij plaats (niet georganiseerd).

Toerisme: Het Blauwe Meer

Een vis op de oever van het Blauwe Meer

Het Blauwe Meer ligt midden in het grootste natuurreservaat van Managuay. Volgens de autoriteiten heeft het Managuayaanse centrum van de petrochemische industrie, dat er pal naast ligt, geen enkele negatieve invloed op het ecosysteem en worden alle lozingen – zowel van giftige stoffen als van de urine van de circa 16.000 arbeiders – strikt gereguleerd.

Dat is echter niet het geval.


Foto Conrado Blanco

Staatshoofd aan zet, toeptoernooi onzeker

De eerste (en vooralsnog enige) van 744 geplande raketsilo’s
in de Managuayaanse pampa

MATAQUINTOS – In Managuay wordt met spanning gewacht op een woord van generaal Jamón over het parlementaire toeptoernooi van Liberalen, Christenen en de extreem-rechtse fractie. Maar Jamón is waarschijnlijk dronken. 

Leek het toernooi vorige week nog van de baan, gisteren maakte de extreem-rechtse leider Paco Tornado (PPP) bekend toch weer vertrouwen te hebben in de Christelijke Partij. Dit na het opstappen van CP-topman Arnoldo Klonk, die vond dat er volgens internationaal erkende regels moest worden getoept. ‘Regels? Regels in je broek,’ luidde het antwoord van Tornado, die de besprekingen prompt stillegde.

Marco Ruteño (Liberalen) en Máximo Verrandés (CP) zijn blij met de draai van Tornado en willen graag weer verder praten. ‘Er gaat een toernooi komen waarbij de winnaars hun vingers zullen aflikken,’ glunderde Ruteño vanochtend. ‘De verliezers doen er goed aan om niet te snel over te toepen.’

Tornado noemt zijn gewijzigde standpunt overigens geen ‘draai’. Maar zo noemde hij in 2005 ook niet zijn deelname aan een antibewapeningsdemonstratie, daags nadat hij in het parlement zijn stem had gegeven aan de bouw van een raketsilopark in de Managuayaanse pampa à raison van 422 miljard euro.

Generaal ‘helemaal stuk’ van bevalling Carla Bruni

Carla Bruni

MATAQUINTOS – Generaal Jamón, het staatshoofd van Managuay, is er kapot van dat Carla Bruni gisteren een dochter schonk aan de Franse president Sarkozy.

Dat melden welingelichte bronnen rond het Gecamoufleerde Huis, de ambtswoning van de militaire dictator. Jamón zou wel hebben geweten van Bruni’s zwangerschap, maar zou berichten hebben afgedaan met: ‘Ach, we hebben allemaal wel eens een dikke pens na het eten.’ Er wordt al langer gefluisterd dat de generaal een vurige verliefdheid zou koesteren voor de Franse presidentsvrouw, tevens zangeres en ex-model. Op eenzame avonden zou Jamón voor zijn open haard zitten en Bruni’s hit ‘Quelqu’un m’a dit’ spelen op de panfluit.

Zo veel als er over het Franse koppel bekend is, zo weinig komt er over het liefdesleven van generaal Jamón naar buiten. Nog steeds weet niemand wie de moeder is van zijn zoon César. De meest voor de hand liggende kandidate, Maria Fontanka Clarés, is door Jamón steeds schamper ‘een vrouw met haar op de tanden’ genoemd. Niet vanwege haar verbale kwaliteiten, maar omdat haar truckersnor zó groot is, dat hij half in haar mond hangt.

Akkoord is rond, extra bierkraan lijkt probleem

De biertap van Hedwiges Poldóro

MATAQUINTOS – De Liberalen en Socialisten in het parlement van Managuay lijken het eens te zijn over een akkoord rond het te organiseren toeptoernooi. Een kwestie uit de parlementaire bar kan echter nog roet in het eten gooien.

Beide partijen zijn van plan om de langslepende kwestie rond Hedwiges Póldoro op te lossen, zeggen ingewijden. Poldóro is een ober uit buurland Brazilië die in 2005 een bierkraan heeft gepacht in de parlementaire bar Mañana Mañana. Die mag hij van volksvertegenwoordigers uit wijn producerende regio’s echter niet in werking stellen, of – in horeca-jargon – ‘onder water zetten’. De Liberale leider Marco Ruteño zou echter gezegd hebben: ‘Je moet elkaar wat gunnen. In dit geval: bier.’

De kwestie-Hedwiges Póldoro is niet het enige heikele punt uit het toepakkoord. Zowel de Liberalen als de Socialisten zijn vastbesloten te gaan bezuinigen, maar of hun voorstel het gaat halen om voortaan met drie kaarten te toepen in plaats van vier, is zeer de vraag.

Het parlementaire toeptoernooi is de belangrijkste bezigheid van volksvertegenwoordigers, die onder de dictatuur van generaal Jamón immers weinig in de melk te brokkelen hebben.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Reisgids Chuco

Verkeer in Chuco

De wind suist langs graftombes van opgesteven lamafecaliën. In de verte doolt een weduwnaar: fles tequila, de blik van een wilde coyote. Uw verslaggever kijkt nog eens in zijn reisgids. ‘Volgens sommigen is de begraafplaats van Chuco een culturele parel en een bestemming voor toeristenbussen uit binnen- en buitenland.’ We krabbelen erbij: ‘Dat is echter niet het geval.’

Westerse reisgidsen negeren Managuay en dus ben je als liefhebber aangewezen op lokale lectuur. Zoals op het boekje Chuco, parel van de Andes. Wij probeerden het uit. ‘Chuco is het kloppend hart van de panfluitindustrie,’ lezen we bij aankomst. Juist, en het Panfluitpaleis is een aanrader. Doen: de grootste panfluit ter wereld bekijken. Niet doen: de workshop neus-, oor- en anusfluiten.

Eten doen we bij – ‘drie keer raden wat de specialiteit van het huis is’ – restaurant El Scroto. Het menu bevat inderdaad dierenscrotums en zelfs een mensenscrotum, over de herkomst waarvan de ober overigens niet in details wil treden, behalve dat hij fluistert over een ‘megadeal’ met het ministerie van Foltering. Wij nemen de salade.

Opfrissen. ‘In Hotel Andes slaap je tussen de bergtoppen,’ schrijft onze gids. Dat klopt, maar een dak was ook prettig geweest: ‘hotel’ Andes blijkt een matig onderhouden grasveld waar toeristen hun slaapzak mogen neerleggen.

Daarna: op naar de Burritobar. Wij verwachtten een eet- en drinktent, maar dat pakt anders uit. Bij binnenkomst moeten we onze jas afgeven en op de grond gaan liggen, waarna we strak in een veelkleurige poncho worden gerold (de ‘burrito’) en naast een luidspreker gelegd waaruit te luide panfluitmuziek knalt.

Vijf uur later, buiten, pakken we met tintelende ledematen de reisgids er weer bij. Er staat: ‘Volgens sommigen is het in Chuco net zo goed stappen als in New York of Londen.’
Wij zeggen: dat is echter niet het geval.
Roger Abrahams

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Couleur locale: De markt van Bembibamba

Managuay mag dan na Haïti het armste land van het westelijk halfrond zijn, de spilzucht van zijn inwoners is ongekend. Zo ging de bestuurder van deze tractor aanvankelijk alleen naar de markt van Bembibamba voor ‘een papaja en misschien nog een bosje koriander.’