Toerisme: het regenseizoen in Tango Alto


Als het regent in Tango Alto, dan regent het ook goed. Het pittoreske plaatsje op de pampa’s van het zuiden kent een regenseizoen dat bijzonder genereus is: elke dag om een uur of een betrekt de hemel, waarna de engelen duizend kranen opendraaien die tot middernacht het volledige koloniale centrum onder water zetten en ontwrichten. En dat gedurende het hele jaar (behalve wanneer de ‘ari’ in de maand zit).

Bovenstaande foto echter is genomen in de ochtend – het water is afkomstig uit de koeltorens van de aanpalende kerncentrale, in de volksmond bekend als El Colador (het vergiet).

De wonderen van Baradoño

Het dorpje Baradoño in Noord-Managuay heeft een bijzondere plek in de Managuayaanse cultuurgeschiedenis. De dorpelingen beheersten een unieke methode om van maïsbladeren textiel te maken. Ook wisten zij de schoonste klanken te ontlokken aan uit palmhout vervaardigde muziekinstrumenten die nergens ter wereld voorkwamen. Van heinde en verre trokken nieuwsgierigen naar Baradoño om die wonderen met eigen ogen te zien – de roem van het dorp leek voor altijd te duren.

Tot 2003, toen waterkrachtcentrale Nacional in gebruik werd genomen en Baradoño werd verzwolgen door een stuwmeer. Op de foto zijn de bovenste verdiepingen te zien van de twee hoogstgelegen huizen van het dorp.

De vinding van Johan Pelle Witsema

De eerste reclameposter voor de ChakaKoko (1976)
Johan Pelle Witsema uit Lemmer kwam in 1975 naar Managuay met een droom: binnen twintig jaar zou hij het hele Zuid-Amerikaanse land aan de kaasschaaf hebben. Maar helaas: deze natie van vleeseters zag kaas als minderwaardig. Waarom jong belegen kauwen als er ook paella met lamalever is, en cuy, opengesperde cavia van de grill?
Witsema liet zich echter niet kennen en kwam door een gelukkig toeval – hij hakte zijn linkerhand af met een machete tijdens het openen van een kokosnoot – op een briljant idee: de kaasschaaf is een geweldig middel om die harde kokosschil te verwijderen! Met zijn revolutionaire ‘ChakaKoko’ bracht Witsema de huisvrouwen van Managuay buiten zinnen en binnen drie jaar was hij miljonair (in Managuayaanse peso’s, dat wel).

Lang heeft Witsema echter niet van zijn succes kunnen genieten: in 1978 drong de machetemaffia zijn villa binnen. De kapmesverkopers schaafden zijn scalp kaal, groeven Witsema tot aan zijn schouders in zijn eigen tuin en stenigden hem met ongeschaafde, dus harde, kokosnoten.
De ‘ChakaKoko’ rest als het tastbare bewijs van Nederlandse ondernemerszin overzee.

Zomervakantie voor Managuay.info

Geachte lezers,

Managuay.info gaat er een maandje tussenuit. Lekker op een Managuayaans strand liggen met een cocktail en een broodje leguaan, ideeën bedenken voor Het Grote Managuay-Vakantie-Doeboek – heerlijk! Tot 5 september!

Adios,

Roger Abrahams
Hoofdredacteur
Managuay.info


Hallo Rolf,

Supertof dat je mijn laatste blogbericht online wil zetten en de plantjes water geven. Je bent de beste conciërge die er is! De sleutel ligt onder de mat.
En o ja, als die Managuayaanse schoonmaakster weer naar me vraagt: niet binnenlaten! Ze stalkt me, ik vertrouw haar niet zo. Dus verwijder deze tekst voordat je mijn blogbericht online zet!

Nou doei, tot over een maand!

Roger

Socialisten verwachten 50 zetels met behulp van steekpenningen

MATAQUINTOS – Een van de twee socialistische partijen van Managuay verwacht begin september 45 zetels in het parlement te behalen. Zelfs 50 zetels zijn mogelijk, ‘als we steekpenningen inzetten.’

Dat zegt partijvoorzitter Juan Marinos van de Ultrasocialisten, die nu 26 zetels bezetten in het Managuayaanse parlement. ‘Vijftig is heel veel, maar het is reëel. Ik heb dat met intimi van generaal Jamón besproken. Het schijnt dat hij voor een pallet tequila en een download van de nieuwste Angry Birds voor zijn iPhone behoorlijk ver wil gaan.’

Generaal Jamón is de leider van de militaire junta in het Zuid-Amerikaanse land. Bij de parlementsbenoemingen van 12 september buigt hij zich over de zetelverdeling. Om die reden dingen momenteel alle politieke facties – die het overigens stuk voor stuk eens zijn met Jamón – om zijn gunsten.

Marinos nam in 2010 afstand van de landelijke politiek vanwege gezondheidsproblemen. Hij vindt het heerlijk om het huidige succes vanaf de zijlijn mee te maken. Toch blijft het kriebelen. ‘Ik zou nog wel een hoge functie willen overwegen als we zoveel winst gaan boeken. De kans is wel heel klein, gezien mijn gezondheid, maar de socialistische traditie is in dat opzicht rijk: kijk maar naar Fidel Castro, Brezjnev en Stalin.’

Evaluatie Olympische Spelen: acht doden

Dressuur in Londen: het besluit om muilezels te weren, betekende
een grote klap voor de Managuayaanse paardensport.

MATAQUINTOS – In Managuay zijn gisteren acht doden gevallen bij de evaluatie van de Olympische Spelen. Onder de slachtoffers bevinden zich alle leden van het Managuayaans Olympisch Comité (MOC).

De leiding van de Zuid-Amerikaanse dictatuur is buitengewoon ontevreden met het resultaat van de olympische équipe: nul medailles. Dat de équipe zich nooit had gekwalificeerd, was al bekend, maar ‘voor een echte Managuayaan is geen buitenlandse regel heilig,’ zo stelde de militaire junta in een persbericht. De laatste woorden aan de ter dood veroordeelde MOC-leden luidden: ‘Bij gebrek aan een gouden medaille ontvangt u allen de rode plak.’ Een ‘rode plak’ is militair jargon voor een schotwond in de rug.

Een grote teleurstelling voor de junta is Misión Deportivo (‘Missie Sport’). Die speciale operatie van de Managuayaanse veiligheidsdienst moest de sportzomer van 2012 aangrijpen om nucleaire geheimen te ontfutselen aan kernwapenlanden als de VS en Groot-Brittannië. In plaats daarvan kwamen de geheim agenten thuis met de manicuurdoos van voetballer Christiano Ronaldo en een bandenplakset van Marianne Vos.

FOLDER: Het vreugdevuur van San Cristóbal

Beste toerist,

Gaat u Oud en Nieuw vieren in San Cristóbal, Managuay? Leest u deze folder dan goed. Het feest van het vreugdevuur is een lokale traditie, maar wordt door buitenlandse gasten niet altijd goed begrepen. U mag weliswaar zelf voorwerpen op de brandstapel gooien, maar niet zomaar alles. In deze folder ziet u voorbeelden van wat u wel en niet mag verbranden.

WEL MAG U VERBRANDEN:
Meubels:
Kinderspeelgoed:
Bezittingen van onproductieve burgers:

NIET MAG U VERBRANDEN:
Wetenschappelijke werktuigen:
Instrumenten ter bewaring van openbare orde en gezag:
Boeken over bevriende staatshoofden:
Bruikbare wapens:
En wapens in de vorm van een snor.


Ik wens u veel plezier,

Generaal Rufus Vendetta Malpenso
Minister van Propaganda en Onderwijs

Dag van de Arbeid: liever lui dan moe

De Dag van de Arbeid in een ander land dan Managuay

MATAQUINTOS – In Managuay wordt vandaag, op de Dag van de Arbeid, zoals gebruikelijk  geen demonstratie georganiseerd. Dat is teveel werk.

Door Jens Mikkelsen

De internationale dag van de rechten van werknemers kan in Managuay van oudsher op weinig enthousiasme rekenen. Geen wonder: bijna niemand werkt. Van de mensen met een reguliere baan zijn de meesten zelfstandig ondernemers die handelen in bijvoorbeeld belkaarten, lamazadels of uit oude autobanden gesculpteerde beeldjes van parende varanen.

De meeste Managuayanen echter zijn overdag vrij. Zoals Manuela (21) en Pipa (19), die in de ochtendzon bij de Zanzi Bar in hartje Mataquintos van een tequila sunrise genieten. Zien zij het zitten om op de Dag van de Arbeid mee te doen aan een betoging? ‘Lopen voor een arbeider?’ vraagt Manuela. ‘Ik trouw straks wel met een rijke vent. Iemand die anderen voor zich laat werken.’ Pipa: ‘En eentje met een auto. Da’s ook veel beter voor je hakken.’

Even verderop, op het Sint-Gribusplein, zit de 34-jarige Renzo met zijn twee zoons aan de mojito. ‘In Rusland zullen vandaag wel weer honderdduizenden mensen meelopen in een demonstratie,’ zegt hij. ‘Dat zie je hier nooit. Behalve als de minimumleeftijd voor alcohol wordt verhoogd naar vijftien jaar, of zoiets!’ Zijn zoons (14) lachen.

De belangrijkste reden echter dat 1 mei-demonstraties in Managuay op weinig animo kunnen rekenen, is de belofte van de militaire junta om hen door de knieën te laten schieten. Door eerstejaars rekruten, ‘de slechtsten uit de vuurwapenklas.’

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Alfonso Mango

Alfonso Mango tijdens een klus in Rio, 1984

Het jaarlijkse politiebal. Op het podium maant de korpschef van Mataquintos zijn collega’s tot kalmte. ‘Ik weet voor wie jullie zijn gekomen,’ roept hij. ‘Hij is de beste geheim agent aller tijden, en hij is weer bezig met een weergaloze undercoveractie: Alfonso Mango!’ Gebrul, pistoolschoten. Een agente komt aangetrippeld met een dienblad, waarop een baksteen ligt. ‘Helaas kan ik niet lang blijven,’ klinkt het uit de steen. ‘Ik zit midden in een onderzoek naar de vastgoedbranche.’

Alfonso Mango is een absolute superster in Managuay. De geheim agent, opgeleid door de Israëlische Mossad, staat erom bekend moeiteloos van gedaante te wisselen tussen mens, dier en gesteente. Zijn bijnaam: ‘het camouflagemirakel’. Mango’s werkgever, de gevreesde inlichtingendienst Seguridad, laat hem begaan – zolang hij zijn missies maar volbrengt. En trouwens, ze kunnen hem toch nooit vinden.

Het is zijn vrijgevochten stijl die Mango tot een volksheld maakt. Zijn werkwijze bestaat uit extreem doordachte camouflagetechnieken die hij tot het uiterste doorvoert. Tijdens een klus in Rio de Janeiro in 1984, bijvoorbeeld, presteerde Mango het om zó overtuigend in een hagedis te transformeren, dat hij 72 uur lang niets anders deed dan krekels eten en razendsnel zijn tong in en uit zijn mond te laten schieten. Dit laatste doet hij overigens nog steeds, tot irritatie van de caissières van zijn lokale supermarkt.

Na het optreden wordt Mango omringd door een schare jonge rechercheurs. ‘Goed, nog één verhaal dan,’ roept hij vanuit zijn steen. ‘Maar eerst: bier!’ De knaap die zijn dienblad vasthoudt, gooit hem in een volle pul. Als die weer leeg is, laat Mango een boer en loeit: ‘Sinds ik twintig uur per dag op een steiger lig, kan ik zuipen als een bouwvakker!’ De rechercheurs brullen het uit. De avond is voor Alfonso Mango, en hij is nog lang niet voorbij.
Roger Abrahams

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Foto María Luísa Corazón del Ángel

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Werelddominantie

Puzzelpagina ‘Ontwar de kluwen’

‘Wat wij uiteindelijk willen…’ Generaal Popo de Mierda, de Managuayaanse minister van Binnenlandse Zaken, pauzeert even. Hij tuurt in zijn mok Nescafé. Dan neemt hij een slok en vervolgt: ‘…is werelddominantie.’

Managuay, de verpauperde bananendictatuur die niet alleen grenst aan Bolivia, Paraguay, Peru, Brazilië, Argentinië, Chili, Ecuador, Colombia, Venezuela, Brits Guyana, Frans Guyana, Suriname en Uruguay, maar met al deze landen ook nog eens in staat van oorlog verkeert, ziet een grote toekomst voor zich. Die begint in Afrika, waar afgelopen november een inderhaast tot honorair consul benoemde rallyrijder tijdens de race Amsterdam-Dakar ‘aanzienlijke stukken land’ verwierf. Bij navraag blijkt het te gaan om een putdeksel, twee muren en een rotonde, maar Popo de Mierda beheert desalniettemin sindsdien de portefeuille ‘Overzeese Gebiedsdelen’.

En nu is Europa aan de beurt. Te beginnen bij Nederland. ‘U heeft een negatief beeld van ons,’ stelt de minister, ‘of nog erger: helemaal geen beeld.’ Uit een la tovert hij een pak papier: Het Grote Managuay-Vakantie-Doeboek staat erop. Het werk, dat Managuay bij Nederlanders bekend moet maken, bevat een curieuze mengeling van puzzels en propaganda. Zoals ‘Ontwar de kluwen’, een tekening van drie vliegtuigjes met soldaten die geknevelde dissidenten in de oceaan werpen. ‘Leuk hè? Je moet de lijntjes volgen en achterhalen wie de zwaarste naar beneden gooit, want ze krijgen betaald per kilo. En passant krijg je een goed beeld van onze luchtvaart.’ Andere spellen bestaan uit het tellen van losliggende hoofden op een executieveld en het bordspel Lamabord.

De minister wandelt naar het keukentje in zijn kantoor. ‘Drastische maatregelen zijn nodig om de Nederlanders naar Managuay te lokken, met hun beurzen. Rugzakken, bedoel ik.’ Terwijl hij zijn lege mok op het aanrecht zet, klinkt het plots dreigend: ‘Want die Volkskrant van u is goed en aardig. Maar het is geen Telegraaf.’
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Illustratie Taam Karsdorp