Toerisme: Uitgaan voor vrouwen

Een feest van de Katholieke Universiteit van La Libertina, afgelopen zaterdagavond

Volgens sommigen is het voor vrouwelijke toeristen in Managuay mogelijk om uit te gaan zonder beroofd, betast, of stiekem op oneerbare wijze gefotografeerd te worden. De twee blonde meisjes rechts op deze foto kunnen u vertellen: dat is echter niet het geval.

Zie voor meer informatie www.southamericanupskirts.com

Interview: Arbeidsethos in de tinmijn van Mexitexibambo

De tinmijn van Mexitexibambo

MEXITEXIBAMBO – Over de arbeidsomstandigheden in Zuid-Amerikaanse mijnen is genoeg bekend: die zijn slecht. Maar hoe staat het met het arbeidsethos? Een gesprek met Florente F. Farfalle, directeur van een tinmijn bij Mexitexibambo.

Door Jens Mikkelsen

Meneer Farfalle, over het arbeidsethos van de Managuayanen doen allerlei clichés de ronde. Ze zouden lui zijn, niet productief, de siësta duurt van negen tot vijf…
Dat is al lang niet meer zo. Ook Managuay heeft zich aangepast aan de moderne tijd: onze siësta’s duren inmiddels van tien tot vier. En tussen negen en tien pauzeren wij geen moment, kan ik u zeggen.

Wat gebeurt er dan in dat ene uur?
Al het noodzakelijke: iedereen goedemorgen wensen, post beantwoorden, en overleggen in welk restaurant we onze siësta gaan houden.

Ik had het eigenlijk niet over de mensen op dit kantoor. Ik bedoelde de mijnwerkers in de schacht.
O, die! Hahaha. Dat wist ik wel. Nee, daar wordt keihard gewerkt, daar kunt u gerust op zijn.

Wie controleert dat?
Nou, ik niet, in ieder geval. Ziet u mij al in zo’n vieze mijnlift stappen? Ik heb net nieuwe schoenen, moet u zien. Echt kalfsleer, uit Argentinië, je moet ze goed inlopen, zei mijn schoenmaker, en…

Wie controleert de mijnwerkers dan wel?
Daar hebben wij Pablo voor, en Nuño. Twee keer per dag gaan zij de mijn in om de arbeidsproductiviteit op peil te houden.

Hoe doen zij dat?
Op verschillende manieren. Op de eerste plaats maken ze de slaapkoppen wakker, natuurlijk. En ze pakken dobbelstenen en kaarten af van de mannen die aan het spelen zijn. En vrijende paartjes sporen ze op. Dat laatste is nog best gevaarlijk werk, want die verstoppen zich natuurlijk graag in donkere nissen en zo. Nee, onze controleurs zijn dappere mannen, en deze mijn is erg productief, schrijft u dat maar op. Lezen onze investeerders dit?

Straft u in zulke gevallen? Mogen arbeiders die u betrapt op verzuim bijvoorbeeld pas later naar huis?
Naar huis? Bijna niemand gaat naar huis. Onze mijnwerkers slapen met zijn allen in lege lorries, heel gezellig. En efficiënt.

Maar hoe zit het dan met hun gezinsleven?
Ach, westerlingen denken altijd dat arbeiders als slaven worden behandeld hier, maar iedereen mag gewoon trouwen en kinderen krijgen, hoor.

Dus als een van uw mijnwerkers vader wordt, mag hij bij de geboorte aanwezig zijn?
Uiteraard. Wij zijn geen onmensen. De regel is: echtgenotes kunnen baren in de schacht, zolang op het product en de werkmaterialen maar geen bloed achterblijft.

Het klinkt als een hard leven.
Onze werknemers zijn erg tevreden. Ze richten hun bestaan in naar de mijn.

Soms maken ze hele kunstwerken om het ondergronds op te vrolijken, begrijp ik. 
Inderdaad. Pure werkweigering. En ongelooflijk hoeveel tijd en geld het kost om die dingen weer te vernietigen en af te voeren.

Tijd is geld.
Absoluut. Maar als u mij nu excuseert: het is half elf en de afdeling zit al lang aan de burrito’s.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Peper

Een Fuego Infierno Volcánico

‘Gringo, no toca!’ De marktkoopman kijkt me verschrikt aan. Snel trek ik mijn hand terug, die zojuist nog boven een kist vol glanzend rode vruchten hing. ‘Ik moet Spaanse pepers hebben,’ zeg ik, ter verduidelijking. ‘Spaanse pepers!’ roept de man uit. Hikkend van de lach slaat hij een collega op de schouder. Deze, een wat knorriger type, bitst: ‘Dit is geen gewone peper, mamapinga. Dit is de Fuego Infierno Volcánico. Laat hem één nacht op je keel liggen en je wordt wakker zonder strottenhoofd.’

Elk volk krijgt de groenten die het verdient, en op de Pepermarkt kun je zien wat dat voor Managuay betekent. De markt beslaat eenmaal per maand een hoek van de beroemde Mercado Popular in Mataquintos en biedt een kleurrijke verzameling van het pittige broertje van de paprika: rode, oranje, gele, groene, paarse en bruine chilipepers. En de Fuego Infierno Volcánico dus.

Dat blijkt niet zomaar een hapje, zo leert nadere studie. Sterker nog: de Fuego Infierno Volcánico is de heetste chilipeper ter wereld. Op de Scoville-schaal, die de mate van pittigheid aangeeft, haalt hij maar liefst 7.200.000 punten. Ter vergelijking: een straal pepperspray van een Managuayaanse diender in je oog haalt amper 2.000.000, een broodje lamaburger komt op circa 10.000 (al merk je de jalapeño daarin pas op het toilet). Met de Fuego Infierno Volcánico brengen artsen hier buitenlandse patiënten onder narcose door ze eraan te laten ruiken. Hem vastpakken alleen kost je een nacht op de intensive care, plus het aannaaien van de losgetrokken vellen huid (nóóit wapperen).

Voor Managuayanen echter is de ‘Fuego’ een hartige snack. ‘Ik ben gek op pittig eten,’ zegt Jacky (17). Leunend op een kinderwagen laat ze een zakje vullen met de hete pepers. Ik kijk naar haar gewelfde buik. Is dat niet gevaarlijk, voor zwangere vrouwen? Een schaterlach. ‘Het is niet voor mij!’ Ze wijst naar de baby in de kinderwagen, dan tikt ze op haar tanden. ‘De kleine houdt ons wakker, met zijn geknars. Vannacht leg ik voor straf een peper in zijn mondje. Morgen doet hij het niet meer.’
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Jongeren uit ‘Oh oh Coño’ nemen plaat op

 
Feestvierende jongeren in Coño:
in de witte bekers shots van een halve liter gefermenteerde lamamelk,
die de uitwisselingsstudent rechtsonder op moet drinken. 

COÑO – De hoofdrolspelers van realitysoap ‘Oh oh Coño’ brengen een plaat uit ter ere van de mannenverslindster uit hun midden, Jennifer. De single ‘Sífilis’ verschijnt aanstaande maandag.

De werktitel van de plaat was ‘Dikke aars’, maar dit werd uiteindelijk toch te beledigend gevonden voor Jennifer. Het 18-jarige cultidool – wier bijnaam ‘My little pony’ is omdat zij al sinds haar jeugd wil lijken op de gelijknamige, vrolijke viervoeters – heeft haar achterwerk enkele malen kunstmatig laten vergroten, onder meer door het inspuiten van 75 liter lamavet.

Oh oh Coño, vanavond weer te zien op de zender La Lama Erótica, is de grootste tv-hit van het moment in Managuay. In de serie worden acht achterstandsjongeren uit San Luís gevolgd die drie weken feestvieren in Coño, aan de oevers van Lago de Agua. De populairteit is onder meer te danken aan het scandaleuze gedrag van My little pony (‘Ik heb de mannen hier maar twee dingen te bieden: het tweede is een lege portemonnee’) en de openingszinnen van ‘Atomik’, die opgroeide naast de kerncentrale van Jerónimos (‘Ik heb twee oren. Wil je het derde zien?’).

Bankdirecteur overtuigt parlement niet


MATAQUINTOS – De president van De Managuayaansche Bank (DMB), Ramón Delirio Franco, is er niet in geslaagd het parlement van zijn integriteit te overtuigen. Oorzaak is deels de sponsor van DMB, die per 1 juli officieel De Andrélon for Men Shampoo Anti-Roos Managuayaansche Bank heet.

Delirio Franco zou steekpenningen hebben aangenomen van Andrélon, maar dit wordt door de parlementariërs als ‘welkome aanvulling op het salaris’ gezien. Erger is het feit dat Delirio Franco vorig jaar de WSB Bank liet omvallen.

De WSB Bank van ondernemer Wálmer Schnitzler werd groot door bij zijn klanten wurgcontracten af te sluiten met de verkoop van hypotheken, escortdiensten en voetbalplaatjes. Bij elke lening verplichtte de klant zich ook vijf pallets tequila af te nemen, waardoor schulden hoog opliepen. Toen de zeepbel vorig jaar knapte, greep de centrale bank niet in en verloren duizenden Managuayanen de greep op hun financiën, en hun drankmisbruik.

Lamabord (1)

De oorspronkelijke Spaanse versie van El juego de la oca

Het aloude spel ganzenbord is ook in de Andeslanden bekend. Alleen zijn daar de pionnen geen ganzen, maar lama’s. Deze wijziging voerde Umberto ‘Guapi’ Bantaro (regeerperiode: 1839-1841) in, een van de eerste dictators van Managuay na de onafhankelijkheid van Spanje. Voor Bantaro waren ganzen symbolen van ‘Europese homoseksualiteit’, en hij zocht naar een krachtiger, inheems wezen. ‘Zijn wij niet allen lama’s?’ vroeg hij zich af.

Overigens is deze wijziging in het ganzenbord de belangrijkste erfenis van Bantaro, samen met het vergroten van de standaardmaat voor tequilaflessen naar een hele liter en de verplichting voor prostituees om hun onderkantje na elke drie klanten te wassen met lamamelk.

Voor iedereen die de figuurzaagversie van Lamabord/ El juego de la llama heeft besteld, maar door de slechte drukkwaliteit de teksten niet kan lezen, publiceren wij ze hier.

6 – De brug
Langs de kant van de weg staat een panfluitgroep te spelen. Je rent ervandoor. Ga naar 12.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Cabaretfestival

Het Teatro Colón in San Luís

‘Kennen jullie dat?’ De cabaretier kijkt het publiek in. ‘Zat ik laatst op een tank, komt er een officier op me af. Zegt ie: “Het is groen, je mag er niet op zitten en het is géén tank.” Ik zeg: “Weet ik niet.” Hij pakt zijn Korobov TKB-022 volautomatisch, slaat me tegen de grond en brult: “Tóch een tank!”’

Rumoer. De man naast me slingert zijn glas caipirinha naar het podium. Laarzen, een stoel en zelfs een hagelschot ijsklontjes gaan door de lucht. Glunderend ontwijkt de cabaretier de projectielen: zijn grap valt duidelijk in de smaak.

Het Festival Cabaret de las Pampas is hét humorevenement van Managuay. Eens per jaar stroomt het Teatro Colón in San Luís vol voor zestig grappenmakers die strijden om de eer. Hun grootste hindernis is ongevraagde publieksparticipatie – hier in het cowboyachtige zuiden geeft men nu eenmaal graag zijn mening.

Vorig jaar maakte een nerveuze beginneling de zaal, bestaande uit Hubba Bubba smakkende gaucho’s, uit voor ‘kauwboys’. Hij bezweek aan interne bloedingen. Een The Matrix-parodiant had geluk en kwam er met slechts een geperforeerd oor vanaf. Inmiddels zeggen oud-winnaars als Sara Krosas (kapotte knieschijf), Juan Japo de los Walos (doorzeefde linkerschouder) en Frederico Jóven (betweterigheid van de volhardende soort): wie San Luís in één stuk verlaat, heeft er niet echt gestaan.

Tijd voor de laatste act. Het is het trio Raúl, Ramón y Ramona, dat vorig jaar nog wegens ‘subtiliteit’ werd afgewezen. Daar hebben ze van geleerd: Raúl draagt een gillende lesbienne op zijn schouder, Ramón een manke condor en Ramona draagt, getuige haar deinende borsten, helemaal niets. Onder luid gejoel schroeft ze de dop van een fles olijfolie en knipoogt naar de juryvoorzitter. Die steekt zijn duim omhoog. Eén finaleplek staat al vast.

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Beroemde Zinloze Woorden: Stoker Fifi

Stoker Fifi

In onze reeks Beroemde Zinloze Woorden (BZW) hoort zeker stoker Fifi thuis, een van de kleurrijkste personages uit de film Océanos ilimitados (Manuel Pipón, 1994).
Daarin onthaalt Fifi een rijksambtenaar die net het scheepsrestaurant is binnengestapt op een onverwachte, jubelende toespraak:

Stoker Fifi:
‘Ziedaar, de tijd is gekomen! Eindelijk krijgen wij antwoord op onze talloze smeekschriften! Eindelijk, de goedkeuring om te blijven varen, de toestemming om onze onderneming voort te zetten, de broodnodige vergunningen om zeldzame dieren te vissen en aan onze passagiers voor te schotelen, om zonder schrijnend schuldgevoel onze behoeftes in internationale wateren te doen, zonder boetes te hoeven vrezen! Ons voortbestaan is gered! Onze boot is veilig! Driewerf hoezee voor de hoofdstedeling! Heil aan de Staat!’

De nieuweling bleek echter niet geen ambtenaar: hij wandelde naar de bar, bestelde een rum en vroeg de kastelein of diens ‘collega’s hun bek konden houden.’

Nazomer in Managuay: Festival El Aire Libre

Na een verloren drankspel verbleef uw correspondent enkele uren in het afgebeelde onderkomen

Om de nazomer af te dwingen, doet correspondent Jens Mikkelsen deze week verslag van zijn zomer in Managuay.
Vandaag: muziekfestival El Aire Libre op het eiland Pudor.

Met zulke namen op het affiche – Christoni Aguilera, Stinque, Jody Bernal – weet de Managuay-kenner waarom muziekfestival El Aire Libre jaar in, jaar uit duizenden Managuayanen weet te lokken: goedkope drank.

Door Jens Mikkelsen

Ook dit jaar zegden topacts als Los Cojones en 50 Peso en Lil’ Carmen af, maar op vrijdagochtend – het evenement is net begonnen – is het op het festivalterrein en de bijbehorende camping al gezellig druk. Onder het genot van een tequila proberen muziekliefhebbers hun tent op te bouwen, rum drinkende technici leggen de laatste hand aan de podia en de met kalasjnikovs uitgeruste beveiligingsdienst staat gezellig te borrelen. ‘Ik kom hier elk jaar,’ zegt kampeerder Sueño, een biertje in de hand. ‘Ik heb echt een band met El Aire Libre. Sterker nog, ik ben hier verwekt. Waarschijnlijk tijdens de editie van 1985, maar mijn ouders waren zo dronken dat ze zich dat niet meer kunnen herinneren.’

Gastvrij als Managuayanen kunnen zijn, biedt Sueño me onmiddellijk een plek aan aan zijn drankspellentafel. Wat er daarna gebeurde, weet ik niet meer zo goed, maar na het kaartje blazen zaten we opeens bij een singer-songwriter, die plots het woord ‘democratie’ gebruikte in een lied, waarop de beveiliging de zaal afsloot en de muzikanten wegrenden, maar sommigen werden gepakt, getaserd en naakt gefouilleerd, terwijl een van de beveiligers naar ons riep dat we moest doorlopen, want ‘hier was niets te zien.’ Maar ja, dat kon dus niet, want de zaal was afgesloten. Toen werd ik wakker in een hoosbui op het strand. Nou weet ik niks meer ik ben nog steeds wat wazig doei Jens


Hallo Rolf,

Nog bedankt dat je de redactieruimte in de gaten wilde houden tijdens mijn vakantie, hè! Nog één vraagje: is het gelukt om die Managuayaanse schoonmaakster/stalker buiten de deur te houden, zoals ik heb gevraagd? Ik kan namelijk opeens een aantal apparaten niet meer vinden (iPad, printer/fax, een mobiele telefoon). Wel ligt er een geopend blik groene zeep op de grond, een paar rubberen handschoenen die volgens mij in het riool hebben gezeten of zo (een lucht, jongen) en, eh, ook heel wat condooms. Dus als jij nog even goed wil nagaan of je haar in de buurt van het gebouw hebt gezien of niet, dan graag. Dat lukt je vast wel, want jij vond haar wel leuk, toch? 😉 En waarom ben je eigenlijk geen conciërge meer hier? Afijn, ik hoor het wel.

Groetjes,

Roger

Sinterklaasfeest verstoord door panfluitbendes

Sinterklaas, zonder paard, met Pablo, de zoon van de Nederlandse consul

MANAGUAY – De Sinterklaasviering op het Nederlandse consulaat in Managuay is gisteren ruw verstoord door lokale panfluitbendes.

Ruim dertig panfluitformaties blokkeerden urenlang al fluitend de ingang, de hal en de bar van het consulaat. Een van de muzikanten verklaarde te zijn afgekomen op de belofte van gratis ‘peper, noten, gouden munten en snoep.’ Een ander zei meer van Sinterklaas te houden dan van Sint-Cerberus, de Managuayaanse kinderheilige. ‘Sinterklaas gooit zijn noten tenminste niet recht in je oog.’

Ondanks het tumult spreekt de Nederlandse consul, Frederik de Zeeuw, van een geslaagde viering. Dat de panfluitmuzikanten na ontruiming zeven kratten jenever en een zwevend toilet hebben meegenomen, wil hij niet goedpraten, maar ‘de Managuayaanse cultuur is nu eenmaal vrijgeviger dan de onze.’ De gebroken poot die het paard van Sinterklaas in het gedrang opliep, noemt De Zeeuw echter onvergeeflijk. Al voegt hij eraan toe: ‘Been. Het is been. Een paard is een edel dier.’