Taal: El Dorado

Wegrestaurant El Dorado bij Picos Duros, Managuay

Wie zegt: ‘Ik ben bij El Dorado geweest,’ heeft doorgaans het legendarische opperhoofd van de Colombiaanse Muisca-indianen ontmoet die zich met goudstof bedekte, of is door de verdwenen stad vol rijkdommen gedwaald die de conquistadores ooit zochten.
In Managuay echter betekent het gewoon dat je weer eens bedorven lamaburger hebt gegeten en dus een pijnlijke nacht op het toilet hebt doorgebracht.

Foto Rogelio de la Sierra

Natuur: de moerassen van Canádos

De moerassen van Canádos, gelegen in het tropische noorden van Managuay, maken deel uit van een uniek ecosysteem. Het staat bekend om zijn uitgebreide flora en fauna. Zo is Canádos het thuis van maar liefst 3000 plantensoorten, 250 vogelsoorten, 350 vissoorten, 100 soorten zoogdieren, 60 soorten reptielen én van circa 300.000 lijken: allemaal Managuayanen die gedurende de jaren van dictatuur – hetzij militaire, hetzij maoïstische – in de moerassen zijn afgezonken.

‘Lianensnijder’ gevaar voor jongeren


PIRAÑAS – In het junglestadje Pirañas in het noorden van Managuay is een zestal jongeren flink ten val gekomen toen zij in de nacht van zaterdag op zondag per liaan op weg waren naar een afterparty. De politie vermoedt dat een ‘lianensnijder’ actief is.

Het is gebruik onder junglebewoners om zich per liaan te verplaatsen, aangezien wegen vaak ontbreken in het regenwoud van Managuay. De ‘lianensnijder’ heeft hiervan misbruik gemaakt door een groot aantal lianen half door te snijden. Dat heeft de jongeren opgebroken. Twee meisjes onder hen verblijven met hoofdletsel in het ziekenhuis.
Van overmatig drankgebruik was geen sprake, aldus de dienstdoende agent, Manuel Veloso. ‘De meesten hadden pas één fles tequila op. Ze wisten wat ze deden.’
Zo te ruiken had agent Veloso overigens meer dan een fles op tijdens dit gesprek, maar dat terzijde.

Journalist doodgepest om radiodocumentaire

Kokosnoten

MATAQUINTOS – Een Managuayaanse radiojournalist is afgelopen zaterdag doodgepest door een woedende menigte.

Het gaat om Huberto Molinero, een verslaggever van staatsomroep Corrupción 24. Aanleiding was een radiodocumentaire waarin Molinero vraagtekens plaatste bij de zelfmoord van een twintigjarige jongen, eind vorig jaar. Die zou volgens zijn ouders zelfmoord hebben gepleegd omdat hij werd gepest op school. Woedende radioluisteraars gingen de straat op, sleurden Molinero uit zijn huis en bekogelden hem met kokosnoten.

‘Zo’n journalist die zijn gelijk probeert te halen in een familiedrama, dat is toch ziek?’ vertelde een van de luisteraars na afloop. ‘Het gaat ons om respect. Daarom moest hij dood.’ ‘Molinero was een pestkop, en daarom hebben we hem teruggepest,’ zei een ander. ‘We hebben hem zo hard met kokosnoten tegen zijn hoofd gepest, dat hij niks meer zei. Of dat ook pesten is? Jawel, maar hij is begonnen.’

‘De ouders, familie en vrienden hebben al genoeg verdriet,’ verklaarde een derde de lynchpartij. ‘Zij willen rust, geen ander, genuanceerd verhaal. Er wás toch al een verhaal?’ Een vierde: ‘Het gaat hier om de waarheid. Ónze waarheid, niet die van hem. Oké, we hebben Molinero misschien vermoord, maar we zijn dan ook oprecht verontwaardigd.’

Een andere verslaggever van Corrupción 24 is inmiddels bezig met een kritische documentaire over Molinero. De woedende radioluisteraars hebben hem al met de dood bedreigd als hij ‘het tragisch overlijden van een gerespecteerd radiojournalist’ niet met respect behandelt.

Staatshoofd Managuay vermomd als bossanova-artiest door Brazilië

Antônio Carlos Jobim (1927–1994)

MATAQUINTOS – Generaal Jamón, het staatshoofd van Managuay, is onderweg naar Rio de Janeiro. Om niet in handen te vallen van de Braziliaanse politie, doet hij dat vermomd als bossanovamuzikant.

Voor de vermomming is inspiratie gezocht bij Antônio Carlos Jobim, de inmiddels overleden ster van de bossanova, een genre waaraan generaal Jamón eerder verklaarde ‘een tyfushekel’ te hebben. Hij ziet zich echter genoodzaakt tot de stap, aangezien de militair-democratische republiek Managuay officieel in staat van oorlog verkeert met Brazilië.

Generaal Popo de Mierda, die deel uitmaakt van de Managuayaanse delegatie: ‘Brazilië is sinds 1985 geen dictatuur meer. Iedereen heeft nu gelijke rechten. Prima, dat moeten ze zelf weten. Maar als je ooit hebt geprobeerd om Brazilië te veroveren door middel van een massale slachtpartij, heb je opeens géén rechten meer. Een beetje krom, als je het mij vraagt.’

Jamón is onderweg naar West-Afrika, waar Managuay afgelopen november bezittingen heeft verworven die worden gezien als overzeese gebiedsdelen. Het gaat onder meer om een putdeksel, een voetbalveld en een rotonde. De militaire junta van Managuay heeft nog geen onderhandelingen gevoerd met de betrokken regeringen van Marokko, Senegal en Gambia, maar voorziet op dat gebied geen problemen. ‘We nemen wat spiegels en kralen mee,’ aldus Popo de Mierda, ‘dat heeft daar in het verleden ook goed gewerkt.’

Op dat moment wordt het Managuayaanse reisgezelschap opgeschrikt door een voorbijrijdende auto van de Braziliaanse politie, en barst uit in een net iets te schril uitgevoerde versie van ‘The girl from Ipanema’.

‘Managuay overspoeld door homo’s uit Argentinië’

MATAQUINTOS – Volgens de Managuayaanse minister voor Familiezaken en Heropvoeding kan het land een stormvloed aan homoseksuelen verwachten nu Argentinië het homohuwelijk heeft goedgekeurd.
De minister, generaal José Matatetas Zarzuela, verklaarde dit om drie uur vannacht op een spontane persconferentie. Hij had zojuist het hoofdstedelijke café De Zwartlederen Pet verlaten, waar hij naar eigen zeggen ‘een werkbezoek’ had, toen een busje van de politieke tv-zender, Corrupción 24, naar hem toeterde. Zodra de journalisten bij de minister arriveerden, hoorden zij tot hun verbazing dat deze hen had ‘verwacht voor de afgesproken persmeeting’.
Hoewel Matatetas Zarzuela in de politiek bekend staat als een homohater, ziet ook hij in dat rijke, homoseksuele toeristen een welkome bron van inkomsten kunnen zijn voor het straatarme Zuid-Amerikaanse land. Na zijn gebruikelijke agressieve relaas, doorspekt met frasen als ‘de liefde voor de Heer is geen herenliefde’ en ‘de Apocalyps zal bruin zijn’, voegde hij dan ook toe: ‘Ik zal er persoonlijk op toezien dat bezoekende homo’s uit het buitenland op de juiste manier worden begeleid.’
Generaal Matatetas Zarzuela leidde in de jaren 90 een geheime paramilitaire operatie met de codenaam ‘Dood, Flikker’.

Alfonso Mango (3)

De Managuayaanse superspion Alfonso Mango, bijgenaamd ‘het camouflagemirakel’, kreeg in 2007 de opdracht om een verdachte, westerse rugzaktoeriste te observeren. Mango verkeerde in die tijd in zijn etalageperiode (twee maanden eerder had hij in hartje Mataquintos nog de gedaante van een rek t-shirts aangenomen) en koos voor de façade van een paspop.

Voorzien van een zwarte pruik en dameskleding nam hij, als zijn creatie ‘Conchita, hoer van de jungle’, plaats op een stoel in het hostel van de toeriste om op de hoogte te komen van haar westerse samenzweringen.
Overigens liep Mango na de klus, bij het losbikken van de laag glanzende vernis, een nare schaafwond op aan zijn scheenbeen die hem een week aan het bed heeft gekluisterd.

Foto Martina Casafresno

Op het bordes: de nieuwe toepcommissie

Op deze trappen van het Managuayaanse parlement – die naar de achteringang, waar de parlementaire tequilabar ligt – werd vanochtend de nieuwe toepcommissie van Marco Ruteño gepresenteerd. Het fotomoment was echter na vier minuten al voorbij: toen klonk de gong en begon het happy hour.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Reisgids Chuco

Verkeer in Chuco

De wind suist langs graftombes van opgesteven lamafecaliën. In de verte doolt een weduwnaar: fles tequila, de blik van een wilde coyote. Uw verslaggever kijkt nog eens in zijn reisgids. ‘Volgens sommigen is de begraafplaats van Chuco een culturele parel en een bestemming voor toeristenbussen uit binnen- en buitenland.’ We krabbelen erbij: ‘Dat is echter niet het geval.’

Westerse reisgidsen negeren Managuay en dus ben je als liefhebber aangewezen op lokale lectuur. Zoals op het boekje Chuco, parel van de Andes. Wij probeerden het uit. ‘Chuco is het kloppend hart van de panfluitindustrie,’ lezen we bij aankomst. Juist, en het Panfluitpaleis is een aanrader. Doen: de grootste panfluit ter wereld bekijken. Niet doen: de workshop neus-, oor- en anusfluiten.

Eten doen we bij – ‘drie keer raden wat de specialiteit van het huis is’ – restaurant El Scroto. Het menu bevat inderdaad dierenscrotums en zelfs een mensenscrotum, over de herkomst waarvan de ober overigens niet in details wil treden, behalve dat hij fluistert over een ‘megadeal’ met het ministerie van Foltering. Wij nemen de salade.

Opfrissen. ‘In Hotel Andes slaap je tussen de bergtoppen,’ schrijft onze gids. Dat klopt, maar een dak was ook prettig geweest: ‘hotel’ Andes blijkt een matig onderhouden grasveld waar toeristen hun slaapzak mogen neerleggen.

Daarna: op naar de Burritobar. Wij verwachtten een eet- en drinktent, maar dat pakt anders uit. Bij binnenkomst moeten we onze jas afgeven en op de grond gaan liggen, waarna we strak in een veelkleurige poncho worden gerold (de ‘burrito’) en naast een luidspreker gelegd waaruit te luide panfluitmuziek knalt.

Vijf uur later, buiten, pakken we met tintelende ledematen de reisgids er weer bij. Er staat: ‘Volgens sommigen is het in Chuco net zo goed stappen als in New York of Londen.’
Wij zeggen: dat is echter niet het geval.
Roger Abrahams

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Filmfestival

Een sopropo

Van wat voor muziek hou jij?’ Of: ‘Evita Perón, vrouw of musicalster?’ Er zijn veel opmerkelijke vragen denkbaar tijdens de liefdesdaad, maar regisseur Andrés Papachango (1949) sprak ze echt uit. Sterker: het enfant terrible van de Managuayaanse cinema liet de camera’s lopen terwijl hij het deed.

Liefde (Amor, 2008) is sinds afgelopen zaterdag te zien in een nevenprogramma van het Managuayaans Film Festival (MFF). Een gewaagde keuze, aangezien de film destijds door de critici werd afgedaan als ‘een goedkope aaneenschakeling van ruim veertig hoerenbezoeken’ en ‘een slap excuus om zoveel mogelijk vrouwelijk naakt te laten zien’.

Het zijn deze nevenprogramma’s die het MFF doorgaans zo geslaagd maken.
Zeker nu de uitreiking van de Gouden Lama’s steeds meer een gelegenheid wordt waarin de militaire junta een beslissend woordje meespreekt. Zoals vorig jaar, toen een wanproduct van het Managuayaanse leger de grote winnaar werd: Het bloedbad bij San Fernando, een in real time nagespeelde veldslag van dertien (!) uur. De makers wilden speciale effecten gebruiken, maar het officierskorps stond erop om de complete slachting over te doen.

Nee, dan het ingetogen werk van Papachango. Neem het magistrale Alles over mijn vader (Todo sobre mi padre, 2001), waarin een travestiet, de zoon van twee travestieten, op zoek gaat naar zijn vader, die nooit een echte travestiet blijkt te zijn geweest, maar slechts een travestietachtige manhoer die travestieten als klant heeft.

Of Diepe vouwen (Arrugas profundas, 2010), door Papachango geroemd als ‘het bewijs van cinematografische schoonheid op het snijvlak van erotiek en origami.’ En de broeierige roadmovie Twee sopropo’s en een perzik (Dos sopropos y un melocotón, 2003). Daarin razen twee jongens en hun buurvrouw uit verveling over de pampa’s. De sopropo – een soort komkommer – uit de titel verwijst naar de permanente staat van opwinding van het duo.

Ook bij deze films kreeg Papachango het verwijt van effectbejag. Zijn reactie luidde steevast: ‘Wie de plot niet vat, heeft in elk geval een paar lekkere tieten gezien.’
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.