Steve Jobs ook analoog herdacht

Steve Jobs bij een productpresentatie van Apple

MATAQUINTOS – Zelfs in Managuay, waar goed functionerend internet een lachertje is, wordt gerouwd om de gisteren overleden Apple-topman Steve Jobs.

Net als in de rest van de wereld gelden Apple-producten er als zeer prestigieus. ‘Onze rich and famous leggen graag een iPad op hun salontafel,’ zegt societyverslaggever Mike Denuñez. ‘Immers: de vraag naar exclusieve placemats blijft altijd bestaan.’

Ook het zakenleven en de onderwereld rouwen om de dood van Jobs. Het bedrijf Chihuahua S.A., de belangrijkste importeur van Apple-producten in Managuay, heeft in een verklaring zijn medeleven uitgesproken. Toch ziet het bedrijf de toekomst zonnig in: ‘Wij verwachten ook van zijn opvolger prachtige hightech-producten te kunnen blijven stelen.’

Toerisme: het regenseizoen in Tango Alto


Als het regent in Tango Alto, dan regent het ook goed. Het pittoreske plaatsje op de pampa’s van het zuiden kent een regenseizoen dat bijzonder genereus is: elke dag om een uur of een betrekt de hemel, waarna de engelen duizend kranen opendraaien die tot middernacht het volledige koloniale centrum onder water zetten en ontwrichten. En dat gedurende het hele jaar (behalve wanneer de ‘ari’ in de maand zit).

Bovenstaande foto echter is genomen in de ochtend – het water is afkomstig uit de koeltorens van de aanpalende kerncentrale, in de volksmond bekend als El Colador (het vergiet).

Zoon Jamón klasgenoot Kim Jong-un

GÜMLIGEN – César Jamón, zoon van de militaire leider van Managuay, blijkt een schoolvriend te zijn geweest van Kim Jong-un, de beoogde dictator van Noord-Korea.

De twee zaten op dezelfde kostschool in Gümligen in Zwitserland, zij het onder pseudoniem. Iedereen kende echter hun identiteit, zo leert een belronde langs oud-klasgenoten, allen telgen uit voorname families. Haroshi Toyota: ‘Wie dat niet doorhad, was oerstom. Als ze familiebezoek kregen in hun studentenflat, gingen ze opeens keiharde marsmuziek draaien.’

De dictatorkinderen kregen aanvullend avondonderwijs, maar speelden in hun schaarse vrije tijd ook met klasgenoten. ‘Meestal wilden ze soldaatje doen,’ herinnert Jean-Pierre Gillette zich. ‘Je was als de dood om door César en Kim gevangen genomen te worden. De anderen draaiden alleen maar je armen op je rug, maar zij kwamen met hele zelfgemaakte martelwerktuigen aanzetten.’ Madison Hewlett-Packard griezelt nu nog bij de gedachte aan de waterboardmachine, gemaakt van oude onderbroeken en lauwe Sisi.

Ondanks deze spellen hielden César en Kim zich doorgaans afzijdig van het groepsgebeuren in hun klas. Norbert Nescafé: ‘Dan zaten ze tijdens de les samen wat te krabbelen op een vel papier. Galgje, meestal.’

Maoïsten stellen SP aanslag op Samsom voor

De Managuayaanse jungle, thuisbasis van de maoïstische rebellen

MATAQUINTOS – Linkse guerillastrijders hebben Emile Roemer (SP) aangeboden een aanslag te plegen op PvdA-leider Samsom. Dit als vergelding voor Samsoms spectaculaire verkiezingsresultaat.

Het aanbod staat in een telegram dat het SP-hoofdkantoor in Amersfoort vanochtend ontving. Het is verstuurd door maoïstische rebellen uit Managuay in Zuid-Amerika. Zij zeggen zeer te hebben meegeleefd met Roemers verkiezingscampagne en noemen Samsom een ‘dief van uw stemmen. Daar kunt u coulant mee omgaan, maar u kunt hem ook opwachten als hij met een dvd’tje van Ice Age uit de videotheek komt lopen.’

Opvallend detail: in het telegram biedt ook Lobke Velstra haar diensten aan. Velstra is een Nederlandse guerillastrijdster die zich enige jaren geleden bij de maoïstische rebellen heeft aangesloten. Ze besluit het verder Spaanstalige bericht met deze woorden in het Nederlands: ‘Shit Emile we leven met je mee we pakken Samsom hard anders twitteren we hem kapot nou weet ik niks meer doei STOP.’

De maoïstische rebellenbeweging De Oplichtende Pad was tot 2006 aan de macht in Managuay. Nu houdt zij zich schuil in de jungle van het Zuid-Amerikaanse land. Ondanks hun zeer linkse ideologie beschikken de rebellen met hun hoofdkwartier daar over het enige maoïstische bolwerk ter wereld met een Kentucky Fried Chicken en een meubelboulevard.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Mijnbouw

Mijnbouw in Managuay

Manuel Peminto de Flor werpt een rotje de mijnschacht in. ‘Laat je zien!’ Na een knal verschijnt een bestoft koppetje in de lichtbundel van zijn zaklamp. ‘Octavo!’ roept de mijnbouwdirecteur lachend. ‘Dit is mijn zoon, een van de beste gruisrapers van de schacht. Zeven jaar oud, maar een zoon van zijn vader!’

Terwijl Nederlandse topmannen worstelen met het combineren van werk en privé, komt de oplossing uit Latijns-Amerika. ManaMinas, het staatsmijnbedrijf van Managuay, wil ver gaan om haar medewerkers tegemoet te komen. Toen Peminto de Flor klaagde dat hij zijn kinderen te weinig zag, werd hij ontboden op het ministerie van Economie en Mosterdgas. Aanvankelijk voor gedwongen elektroshocktherapie, maar al snel volgde een aanbod: of hij zijn gezin niet – kosteloos – mee wilde nemen op de werkvloer? Nu werken zonen Octavo (7), Juan Rafael (6), Silvio (5) en José (3) in de mijn. Echtgenote Mercedes (42) en dochter Daniela (8) doen de toiletten. Peminto de Flor: ‘Zelf zit ik natuurlijk gewoon op kantoor, maar toch: het idee dat ze vlakbij zijn, stelt me ontzettend gerust.’

Een nadeel is er ook: mijnbouw in Zuid-Amerika kan levensgevaarlijk zijn. Iedereen herinnert zich de oefening in Minas de Chuco in 2010, die aan de buitenwereld moest tonen dat Managuay grote mijnongelukken kan voorkomen. Een ereloge vol militaire kopstukken moest toekijken hoe 237 reddingswerkers in een mijnschacht afdaalden, waarna de liftkabel brak en de schacht het onder luid geraas begaf. Met de militairen gaat het inmiddels weer goed.

‘Onze mijn is een veilige mijn,’ bezweert Peminto de Flor. Op dat moment stort met een hevig gekraak het bovenste deel van de mijnschacht in. De directeur trekt bleek weg. ‘Is Silvio nog beneden?’ vraagt hij. ‘Ja,’ antwoordt Octavo. Peminto de Flor zucht diep. Hij snikt. ‘Zo’n goedkope kracht krijgen we niet snel meer terug.’

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Foto Lota del Horno

Managuay in de media: Interview in Cappuccino (Radio 2)


Hoofdredacteur van Persbureau Managuay Roger Abrahams was vanochtend te gast op Radio 2.
In NCRV’s Cappuccino greep presentator Jurgen van den Berg (foto) het aanstaande verschijnen van Het Grote Managuay-Vakantie-Doeboek aan om meer te weten te komen over Managuay – een land waar hij zelfs nog nooit van gehoord (!) bleek te hebben.

Klik hier om naar de uitzending te gaan. Het interview begint op ca. 20 minuten.


UPDATE: Een half uur na het radio-interview kregen wij op de redactie de volgende e-mail binnen:

Beste webredactie,
Heb een interessant item op Cappuccino gehoord, over het land Managuay. Ik had tot mijn schande nog nooit van dit land gehoord dus ging meteen naar jullie website om op te zoeken waar het exact ligt in Latijns Amerika. Ik kan echter nergens op de site (en op het web) de kaart vinden. Wellicht goed om dat nu op de site te zetten, nu blijft het nogal abstract. Ik ben echt benieuwd waar het ligt. Als ik in de buurt ben, dan ga ik zeker langs met jullie boek onder de arm natuurlijk :).
Groet,
Marjolein Hodes

Voor wie met dezelfde vraag zit als mevrouw Hodes: de Managuayaanse overheid weigert haar landsgrenzen vrij te geven voor atlasmakers. Waarschijnlijk omdat de Managuayanen:
– denken dat hun dat een militair-strategisch voordeel geeft
– zich schamen voor hun beperkte landoppervlak
– te lui zijn geweest om hun grenzen precies op te meten

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Torta vómito

Een Managuayaanse delicatesse: torta vómito

De keuken glimt. De oven gloeit, ernaast staat een lege taartvorm. Het mangohouten aanrechtblad is bezaaid met aangevreten stukken deeg, paprika, papaja, maïskorrels en wat al niet meer. Chef-kok José Bartoloméu werpt een blik op zijn toeschouwers. Hij neemt een ferme slok olijfolie, direct uit de fles, en slikt. Dan: ‘BWÈÈÈÈH!’ Een straal braaksel vliegt in de taartvorm. Bartoloméu veegt zijn mond af en gebaart naar een van zijn koksmaatjes: ‘Bestrooi met kaas, uurtje in de oven op 220 graden.’

De wijze waarop José Bartoloméu zijn eigen draai geeft aan de traditionele Managuayaanse keuken is uniek. De braakseltaart, of torta vómito – oorspronkelijk voor mannen uit de sloppenwijken de snelste manier om na een dag hard luieren van een kater af te komen en aan een nieuwe fles te beginnen – is een simpel gerecht. ‘Maar dat laagje kaas bovenop, dat maakt het verschil,’ zegt Bartoloméu, als we hem na de demonstratie in zijn bomvolle restaurant even mogen spreken.

De Managuayaanse keuken is twee dingen: eenvoudig en goedkoop. Bartoloméu pakt er een klassiek recept bij om het te bewijzen: enchiladas mataquinteñas. ‘“Men stele een kip. Men dode hem met een steen. Men hakke hem aan gort. Men rolle hem in een tortilla. Eet smakelijk.”’ Bartoloméu: ‘Prima recept, niks meer aan doen. Ik voeg er alleen nog koriander aan toe. Het is een geweldig volksgerecht. Hoe vaak heb ik er niet een dot haar in aangetroffen, of, omdat de werkbank van oom Velasco dienst deed als aanrecht, een oude duimsleutel. Prachtig!’

De maître d’hôtel komt aangelopen. Of Bartoloméu voor de mensen niet een andere klassieker wil opdissen: de Bruine Trui? Met een verontschuldiging zegt de chef-kok me gedag. Hij gaat in een hurkzit. ‘Ja, ik moet ook wel,’ mompelt hij, en loopt richting het toilet. Que aproveche!
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Foto Persbureau Managuay

Traditionele ‘Rede tot de Natie’ van Jamón


MATAQUINTOS – Generaal Jamón heeft om drie uur vannacht (Nederlandse tijd) zijn jaarlijkse Rede tot de Natie uitgesproken. Na afloop volgde de traditionele executie.

Jamón roemde het feit dat Managuay het vierde jaar van zijn militaire dictatuur ingaat. ‘Nog nooit was ons volk zo hoopvol, ordelijk en gedecimeerd,’ zei hij, en maakte een knik van dankbaarheid richting soldaten in het gelid. De toekomst gloort volgens Jamón met name in de technologische sector. Daarmee doelt hij vermoedelijk op de kaping, drie uur eerder, van een vrachtschip met 400.000 iPads door de Managuayaanse douane.
De executie was op aandringen van mensenrechtenorganisaties zo humaan mogelijk gehouden. Zeven misdadigers kregen daarom niet langzaam vloeibaar lood in hun keel gegoten, maar in één keer.
Jamón hield zijn toespraak gelijktijdig met Barack Obama’s State of the Union om zo kijkers bij zijn Amerikaanse collega weg te trekken. Dit is alleen gelukt bij de Managuayaanse diaspora. Die bestaat voornamelijk uit prostituees en heeft toch de hele dag de tv aan.

Pesten in Managuay heet plagen

Bewoners verdienen een zakcentje voor directeur Mentchikoff

In Nederland neemt het pesten in verzorgingstehuizen toe. Hoe zit dat in Managuay? Een reportage.

Door Jens Mikkelsen

Hoewel de meeste ouderen in Managuay bij familie vegeteren en niet in een verzorgingstehuis, staat aan de rand van Mataquintos een charmant seniorenverblijf: Casa Rojo de Tarde. We ontmoeten de directeur, kolonel Vladimiro Mentchikoff, in de hal van zijn majestueuze gebouw, staand met enkele bejaarden rond een bewoonster met een witte puntmuts op. ‘Gordeldier! Gordeldier!’ roept de directeur haar toe, maar hij is zo vriendelijk zijn ontspanningsspel te onderbreken om met ons een rondje te lopen.

‘Bij ons wordt niet gepest,’ verklaart Mentchikoff trots, terwijl we langs de eetzaal wandelen. ‘Onze bewoners zijn juist heel hartelijk voor elkaar. Ze helpen bijvoorbeeld degenen die niet zelfstandig kunnen eten.’ Hij wijst op een tweetal senioren, die in een hoek tomaten gooien naar een bejaarde man die op een stoel zit vastgebonden.
‘Of degenen die nog twijfelen over hun seksuele identiteit,’ vult de directeur aan, knikkend naar een passerende bewoonster in pyjama met op de rugzijde geschreven: ‘Ik ben een hermafrodiet.’

Dan wordt uw verslaggever aangeklampt door een verward uitziende bejaarde met een dikke streep tandpasta op zijn lippen. ‘Help me, help me! Het leven is hier ondraaglijk!’ ‘Ach, als het niet Brunoldi is, onze toneelspeler,’ lacht Mentchikoff hartelijk. Hij fluistert ons toe: ‘Die diva komt alleen maar op journalisten af.’ Er verschijnt een groep in zwart leren pyjama’s gestoken senioren, die zich over de verwarde man ontfermen. ‘Weet u,’ vervolgt de directeur op filosofische toon, ‘dat pesten – ik noem het liever plagen.’ Hij wijst naar de elektrische batons waarmee Brunoldi naar de zogenaamde separeersuite wordt begeleid. ‘Een beetje senior moet tegen een stootje kunnen.’

Met gemengde gevoelens, en een klein beetje trek, verlaten we Casa Rojo de Tarde.