Pesten in Managuay heet plagen

Bewoners verdienen een zakcentje voor directeur Mentchikoff

In Nederland neemt het pesten in verzorgingstehuizen toe. Hoe zit dat in Managuay? Een reportage.

Door Jens Mikkelsen

Hoewel de meeste ouderen in Managuay bij familie vegeteren en niet in een verzorgingstehuis, staat aan de rand van Mataquintos een charmant seniorenverblijf: Casa Rojo de Tarde. We ontmoeten de directeur, kolonel Vladimiro Mentchikoff, in de hal van zijn majestueuze gebouw, staand met enkele bejaarden rond een bewoonster met een witte puntmuts op. ‘Gordeldier! Gordeldier!’ roept de directeur haar toe, maar hij is zo vriendelijk zijn ontspanningsspel te onderbreken om met ons een rondje te lopen.

‘Bij ons wordt niet gepest,’ verklaart Mentchikoff trots, terwijl we langs de eetzaal wandelen. ‘Onze bewoners zijn juist heel hartelijk voor elkaar. Ze helpen bijvoorbeeld degenen die niet zelfstandig kunnen eten.’ Hij wijst op een tweetal senioren, die in een hoek tomaten gooien naar een bejaarde man die op een stoel zit vastgebonden.
‘Of degenen die nog twijfelen over hun seksuele identiteit,’ vult de directeur aan, knikkend naar een passerende bewoonster in pyjama met op de rugzijde geschreven: ‘Ik ben een hermafrodiet.’

Dan wordt uw verslaggever aangeklampt door een verward uitziende bejaarde met een dikke streep tandpasta op zijn lippen. ‘Help me, help me! Het leven is hier ondraaglijk!’ ‘Ach, als het niet Brunoldi is, onze toneelspeler,’ lacht Mentchikoff hartelijk. Hij fluistert ons toe: ‘Die diva komt alleen maar op journalisten af.’ Er verschijnt een groep in zwart leren pyjama’s gestoken senioren, die zich over de verwarde man ontfermen. ‘Weet u,’ vervolgt de directeur op filosofische toon, ‘dat pesten – ik noem het liever plagen.’ Hij wijst naar de elektrische batons waarmee Brunoldi naar de zogenaamde separeersuite wordt begeleid. ‘Een beetje senior moet tegen een stootje kunnen.’

Met gemengde gevoelens, en een klein beetje trek, verlaten we Casa Rojo de Tarde.

Nazomer in Managuay: Barbecue

Varken aan het spit: de Managuayaanse culinaire traditie staat dicht bij de natuur, en bij een voedselvergiftiging.

Om de nazomer af te dwingen, doet correspondent Jens Mikkelsen deze week verslag van zijn zomer in Managuay.
Vandaag: barbecuen bij de familie Rosas.

De verhalen over de barbecuecultuur in het dorpje San Adolfo Tedesco zijn talrijk. Ze blijken allemaal waar. Ook de gruwelijke.

Door Jens Mikkelsen

Toen Jacques Huisman, een vaste lezer van dit weblog, eind juli mailde dat hij op zijn vakantie in Managuay zomaar voor een buurtbarbecue werd uitgenodigd, noteerde ik het dorpje in kwestie meteen in mijn agenda. Nu kon ik er eindelijk heen: San Adolfo Tedesco. Het paradijs voor barbecuërs, gelegen op de zuidelijke pampa’s en gezegend met een ongelooflijke hoeveelheid bijnamen, waarvan ‘De Nationale Grill’ de gezelligste is en ‘De Gloeiende Hel Voor Alles Op Vier Poten, Behalve Vrouwen’ de angstaanjagendste.

De reis vanuit de hoofdstad Mataquintos duurt maar liefst vijftien uur: per trein, per minibus en – als laatste, maar comfortabelste etappe – per moeder, gewikkeld in zo’n veelkleurig, op haar rug hangend doek, waarin ze in deze contreien ook wel eens kleine kinderen vervoeren. Een slopende trip, maar je ziet weer eens iets anders van het land en bovendien hebben mijn doekgenoten Werner (2), Diego (3) en Yacinta (4) een hoeveelheid lolly’s en zakken chips mee die het reizen er bijzonder aangenaam op maakt.

Aangekomen in San Adolfo Tedesco stelt mijn reismoeder zich eindelijk voor. Ze heet Danita Rosas (17) en woont met haar moeder Melva en haar zeven kinderen in een huisje. Onmiddellijk verdwijnt ze naar binnen, waarop Melva me een tequila aanbiedt en dan over het gazon begint te lopen, terwijl ze ‘Adolfo! Adolfo!’ roept. Of haar man ook thuis is, vraag ik? Ze gromt: ‘Was mijn man maar zo knap als Adolfo.’ Twee tellen later komt een bruin-roze beest het gazon op rennen: Adolfo blijkt een fors zwijn te zijn.

Ik realiseer me: amper aangekomen in San Adolfo Tedesco is de barbecue al begonnen! Terwijl Melva Adolfo lief toespreekt, wurgt en vilt, stapt Danita de tuin in met een enorme houten spies en begint een vuur aan te leggen. Met de fles tequila die mij in de handen wordt gedrukt, moet ik proosten: op de Managuayaanse barbecue! Danita, Melva en Marcelo (8, de oudste), proosten mee, tussen de bedrijven door.

Tevreden plof ik neer op een stoel, bestel een lamamelk met rum – Gino (7) blijkt een formidabele cocktailmixer te zijn – en knip deze foto. Dan denk ik bij mezelf: …nou ja, ik weet niet meer zo goed wat ik dacht, maar verdorie, wat heb ik genoten.

Carnaval: niet zo erg als vorig jaar


ROIPOIPÚ – Volgens de korpschef van Roipoipú is het carnaval dit jaar rustig verlopen. ‘Er zijn geen 37 mensen gedood,’ aldus de agent.

Hoeveel mensen er dan wel gedood zijn, wilde de man niet zeggen. Het nieuwe communicatiebeleid van de Managuayaanse politie schrijft voor dat moet worden benadrukt welke negatieve gebeurtenissen zijn uitgebleven. Dit komt in de praktijk neer op het ontkennen van de ware cijfers van vorig jaar, die dus in feite nu pas bekend worden.
Ook hebben er in 2010 geen 7 explosies in huizen plaatsgevonden, zijn niet 3 bankfilialen beroofd, niet 31 maagden geofferd, niet 77 auto’s en 1 wagen van de gemeentelijke reinigingsdienst gestolen, geen 4 in tequila gedrenkte poppen van papier-maché door de ruit van een horecagelegenheid geworpen en is niet 822 maal gewildpoept, waarvan 13 maal door dezelfde persoon.
Het tijdstip van de politieverklaring is overigens curieus, want het carnaval van Roipoipú loopt officieel nog door tot aanstaande zondag, wanneer een natte raaf levend wordt verbrand. Officieus eindigen de laatste festiviteiten doorgaans half april.

Het is weer papajatijd


Managuaywatchers hadden het al in de gaten: in de vrolijkste bananendictatuur van Zuid-Amerika is het weer papajatijd. Dat heeft niets met het oogsten van fruit te maken – pas op, dat zou werken betekenen – maar alles met de afwezigheid van nieuws. Een soort komkommertijd dus. Waar komt de term ‘papajatijd’ eigenlijk vandaan?

Heinrich Descanso van het Overheidsinstituut voor Militaire en dus ook Volksgeschiedenis: ‘Daar is een leuke anecdote aan verbonden. Helaas zijn sommige onderdelen strikt geheim, maar het is toch de moeite waard. In 1892 stapte een generaal, laten we hem Benedicto noemen, in een bepaalde stad in dit land uit de trein. Hij was op weg naar een groot militair evenement dat buiten ieders weten plaatsvond in die stad. Maar op het moment dat Benedicto op het terrein aankwam, botste hij op een niet nader te noemen persona non grata, van een verboden organisatie die trouwens ook niet bestaat, maar als logo een papaja voert, waardoor een handgemeen ontstond dat uit uitmondde in een geheime revolutionaire beweging die ook een zekere politieke vertakking heeft gekend en sindsdien bewust uit de geschiedenisboekjes wordt gehouden.’

Weten we dat ook weer.

Jongeren uit ‘Oh oh Coño’ nemen plaat op

 
Feestvierende jongeren in Coño:
in de witte bekers shots van een halve liter gefermenteerde lamamelk,
die de uitwisselingsstudent rechtsonder op moet drinken. 

COÑO – De hoofdrolspelers van realitysoap ‘Oh oh Coño’ brengen een plaat uit ter ere van de mannenverslindster uit hun midden, Jennifer. De single ‘Sífilis’ verschijnt aanstaande maandag.

De werktitel van de plaat was ‘Dikke aars’, maar dit werd uiteindelijk toch te beledigend gevonden voor Jennifer. Het 18-jarige cultidool – wier bijnaam ‘My little pony’ is omdat zij al sinds haar jeugd wil lijken op de gelijknamige, vrolijke viervoeters – heeft haar achterwerk enkele malen kunstmatig laten vergroten, onder meer door het inspuiten van 75 liter lamavet.

Oh oh Coño, vanavond weer te zien op de zender La Lama Erótica, is de grootste tv-hit van het moment in Managuay. In de serie worden acht achterstandsjongeren uit San Luís gevolgd die drie weken feestvieren in Coño, aan de oevers van Lago de Agua. De populairteit is onder meer te danken aan het scandaleuze gedrag van My little pony (‘Ik heb de mannen hier maar twee dingen te bieden: het tweede is een lege portemonnee’) en de openingszinnen van ‘Atomik’, die opgroeide naast de kerncentrale van Jerónimos (‘Ik heb twee oren. Wil je het derde zien?’).

Gestrand: Koen van de Laar, Managuay


Luchthaven ‘Buen viaje’ van Mataquintos
Niet alleen op Schiphol zijn toeristen gestrand, ook talloze Nederlanders in het buitenland wachten op het groene licht voor hun terugreis. Vandaag: Koen van de Laar in Mataquintos, Managuay.


Door Jens Mikkelsen

Koen, wat deed je toen je hoorde dat je vlucht was geannuleerd?
Dat wat ik hier altijd doe als iets opeens niet doorgaat.
Vloeken?
Smeergeld aanbieden. Maar ja, de reden is een IJslandse aswolk, dus dat geld is foetsie, vrees ik.
Heb je onderdak?
Ja, dat gelukkig wel. Ik ben meteen naar de balie van Air Burrito gegaan om te vragen of er nog hotels waren. Maar helaas. Alles bleek volgeboekt, op één kamer na, dus die heb ik maar genomen. Kost wel € 650 per nacht.
In het Hilton van Mataquintos zeker?
Nee, bij de baliemedewerkster thuis, op de kinderslaapkamer.
Wat heb je gedaan in Managuay?
Onderzoek voor de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ik heb de winstkansen geanalyseerd voor beleggers in Managuayaanse ondernemingen voor het decennium 2010-2020.
En, wat is je gouden tip?
Investeer in Brazilië.
Je klinkt niet heel positief over Managuay.
Om Theo Maassen te parafraseren: het beste wat er uit Managuay komt, is het vliegtuig naar Nederland.
Maar dat vliegt dus niet.
Nee. O sorry, iemand gooit een poncho over mijn hoofd en probeert me te ontvoeren, ik moet ophangen.
Bedankt voor dit gesprek.

Managuay studeert op boerkaverbod

Koks van het parlementsrestaurant bereiden de lunch voor

MATAQUINTOS – Nu de Franse senaat heeft ingestemd met een boerkaverbod, studeert ook het parlement van Managuay op een dergelijke maatregel.

Alhoewel, studeren is een groot woord, blijkt uit commentaren van enkele volksvertegenwoordigers, die we spraken tijdens de parlementslunch. ‘Studeren, studeren – dat doe ik al jaren niet meer,’ lacht Manolo Funicular (Liberalen), die ondanks een mislukt basisschool-herexamen al twaalf jaar in het parlement zit.

‘Ik studeer heel graag,’ zegt Juan del Monte (Christelijke Partij) na een grote slok maïsbier. ‘Vooral op de menukaart in de parlementsrestaurant.’ Zijn partijgenoot Karl-Heinz Corisónico houdt een gebraden lamakop omhoog. ‘Als we iemand met een boek zien, kan hij er zo een verwachten – in zijn hol, ja.’

Generaal Jamón geeft binnen twee weken uitsluitsel over het boerkaverbod.

Transfer topfolteraars naar ‘Real Madrid van veiligheidsdiensten’

De Colombiaanse president Juan Miguel Santos, die gisteren de geheime dienst DAS afschafte

MATAQUINTOS – Met de aankoop van twintig topfolteraars uit Colombia presenteert de militaire inlichtingendienst van Managuay zich naar eigen zeggen als ‘het Real Madrid van de veiligheidsdiensten’.

De beruchte geheime dienst DAS in Colombia werd gisteren na 58 jaar afgeschaft nadat was gebleken dat de dienst moorden pleegde en rechters, politici, mensenrechtenactivisten en journalisten afluisterde. De Managuayaanse minister van Foltering, generaal Hérculo Pinto de Caña, belde direct met zijn Colombiaanse collega’s. ‘Een schande,’ verklaart hij in voetbaljargon, ‘dat dat soort kleedkamergeheimen openbaar worden.’

Pinto de Caña zegt trots te zijn dat hij twintig ‘aanvallers en Ausputzers’ van de DAS heeft weten te interesseren voor een carrière bij de geheime dienst van Managuay. ‘Hoe? Door ze alle vrijheid te gunnen. Niemand gaat hen hier controleren en noteren wat ze allemaal doen. Temeer omdat de meeste Managuayanen toch niet kunnen schrijven.’

De overige 4780 leden van de DAS krijgen nieuwe functies bij de Colombiaanse ministeries van Binnenlandse Zaken en Buitenlandse Zaken en bij het Openbaar Ministerie.

Geografie: Hoofdstad Mataquintos

Mataquintos, de hoofdstad van Managuay, begon zijn bestaan als een verzameling lemen hutjes langs de rivier de Araná. Maar dat was 1995. De kersverse burgemeester Raúl Paz gooide het roer radicaal om en is druk doende de stad te transformeren tot het financieel-economische hart van Zuid-Amerika (foto: zakendistrict BancoBanco).

Moslim uit Managuay naar Mekka

De bus waarmee Jamal Sánchez naar de grens vertrok.

PERNILOS – De moslim van Managuay, Jamal Sánchez, is gisteren vertrokken op bedevaart naar Mekka in Saoedie-Arabië.

De zogenaamde hadj is weer begonnen en Sánchez, die shoarmataco’s verkoopt in het dorpje Pernilos, wil er dit jaar bij zijn. Vorig jaar deden de wantrouwige Managuayaanse autoriteiten zeventien uur over Sánchez’ paspoortcontrole, waardoor hij de expresboot naar Saoedi-Arabië miste. Bij terugkomst sloegen douanebeambten hem in elkaar ‘in het kader van de strijd tegen het terrorisme’.

Jamal Sánchez heet eigenlijk Jamal Sankhandrishun en komt uit India. Desondanks, en ondanks zijn naamsverandering, noemen zijn dorpsgenoten hem consequent ‘de Turk’.