Lading ‘zout’ leidt tot ontdekking slavernij

De lading van de aangehouden vrachtwagen

BUENOS AIRES – De Argentijnse politie heeft zondag in Managuay een modern geval van slavernij aan het licht gebracht.

De agenten blokkeerden in de ochtend de grensovergang tussen beide landen voor een vrachtwagen met het opschrift ‘Zout voor Argentinië’, die een dertig ton zware lading aan witte brokken (foto) vervoerde. Na een proeverij bleek deze echter niet te bestaan uit zout, maar uit gekristalliseerd spuug. De politie schakelde de Managuayaanse autoriteiten in, die de lading binnen zeven uur traceerden tot een heuse slavenkolonie in het indianendorp Mocotán in Noord-Managuay.

Nu de lading in beslag is genomen, hebben de ruim zestig dorpsbewoners twee jaar lang zeventien uur per dag voor niets gefluimd om de vrachtwagen vol te krijgen.
De chauffeur is na betaling van smeergeld vrijgelaten.

Foto: Lota del Horno

Politie te paard steeds jonger

V.l.n.r.: Marta, Pedro, Violeta en Jaime

SAN LUÍS – In San Luís in Managuay is vanochtend een nieuwe eenheid van de bereden politie gepresenteerd.

Het gaat om Marta (10), Pedro (9), Violeta (11) en Jaime (8). ‘Ze zijn jong, ambitieus en kennen het gevaar nog niet,’ aldus korpschef Ernesto Viscarra (42), die met pensioen gaat. ‘Mijn generatie hecht toch wat meer aan de mooie dingen in het bestaan, zoals levend thuiskomen.’

Als de vier over twee weken hun inwerkperiode achter de rug hebben en voor het eerst de sloppenwijken ingaan, stopt de begeleiding door Viscarra. ‘En blij toe. Je kunt wel worden neergeschoten daar.’

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Peper

Een Fuego Infierno Volcánico

‘Gringo, no toca!’ De marktkoopman kijkt me verschrikt aan. Snel trek ik mijn hand terug, die zojuist nog boven een kist vol glanzend rode vruchten hing. ‘Ik moet Spaanse pepers hebben,’ zeg ik, ter verduidelijking. ‘Spaanse pepers!’ roept de man uit. Hikkend van de lach slaat hij een collega op de schouder. Deze, een wat knorriger type, bitst: ‘Dit is geen gewone peper, mamapinga. Dit is de Fuego Infierno Volcánico. Laat hem één nacht op je keel liggen en je wordt wakker zonder strottenhoofd.’

Elk volk krijgt de groenten die het verdient, en op de Pepermarkt kun je zien wat dat voor Managuay betekent. De markt beslaat eenmaal per maand een hoek van de beroemde Mercado Popular in Mataquintos en biedt een kleurrijke verzameling van het pittige broertje van de paprika: rode, oranje, gele, groene, paarse en bruine chilipepers. En de Fuego Infierno Volcánico dus.

Dat blijkt niet zomaar een hapje, zo leert nadere studie. Sterker nog: de Fuego Infierno Volcánico is de heetste chilipeper ter wereld. Op de Scoville-schaal, die de mate van pittigheid aangeeft, haalt hij maar liefst 7.200.000 punten. Ter vergelijking: een straal pepperspray van een Managuayaanse diender in je oog haalt amper 2.000.000, een broodje lamaburger komt op circa 10.000 (al merk je de jalapeño daarin pas op het toilet). Met de Fuego Infierno Volcánico brengen artsen hier buitenlandse patiënten onder narcose door ze eraan te laten ruiken. Hem vastpakken alleen kost je een nacht op de intensive care, plus het aannaaien van de losgetrokken vellen huid (nóóit wapperen).

Voor Managuayanen echter is de ‘Fuego’ een hartige snack. ‘Ik ben gek op pittig eten,’ zegt Jacky (17). Leunend op een kinderwagen laat ze een zakje vullen met de hete pepers. Ik kijk naar haar gewelfde buik. Is dat niet gevaarlijk, voor zwangere vrouwen? Een schaterlach. ‘Het is niet voor mij!’ Ze wijst naar de baby in de kinderwagen, dan tikt ze op haar tanden. ‘De kleine houdt ons wakker, met zijn geknars. Vannacht leg ik voor straf een peper in zijn mondje. Morgen doet hij het niet meer.’
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Oppositie bijt zich stuk op cultuurplannen

Aquarelverf

MATAQUINTOS – De oppositie is er gisteren niet in geslaagd een bres te slaan in de regeringsplannen om op cultuur te bezuinigen. Het protest was dan ook verre van massaal: slechts één parlementariër maakte bezwaar.

De minister van Linkse hobby’s, wachtmeester 1ste klasse Virginia Ugarte Ramírez, stelde: ‘Het mag niet zo zijn dat de overheid een automatische stoplap is om slechte bedrijfsvoering bij een culturele instelling te verbloemen. Kijk naar Los Parásitos.’
Los Parásitos was een kunstenaarskwartet waarvan onlangs werd ontdekt dat het zeventien jaar lang 100.000 dollar staatssubsidie per jaar opstreek, terwijl een van de vier deelnemers al lang zijn geld verdiende als reiki-heelmeester en de overige drie waren overleden.

De parlementariër die protesteerde tegen de plannen was een liberaal die vreesde dat zijn favoriete aquarelverf duurder zou worden. De overige leden van het parlement waren bezig met toepen.

Vuilnisstaking Managuay in impasse


Na twee weken staken pakken de gemeentereinigers van Amsterdam en Utrecht hun werk weer op. Tijd voor een belletje met Romy Arzt Lobeiro, de leider van de vuilnismannenstaking in Managuay.

Hoe dicht bent u inmiddels bij een akkoord, meneer Lobeiro?
We zijn er ver van verwijderd. De gemeentes willen niet aan salarisverhoging. Terwijl we afgelopen donderdag nog een aanbod hebben gedaan.

Wat voor aanbod?
We eisen nu 35,5% loonsverhoging in plaats van 37%. Een groot offer. Als gebaar hebben we daarom wat zakken verwijderd van de bergen vuil die we rondom alle stadhuizen in het land hebben opgeworpen.

En hoe reageerden de gemeentes?
21 doden.

21 dode ambtenaren? Door stank?
21 dode vuilnismannen. Door tanks.

Dat klinkt als een impasse.
Zeker. Alleen in 1972 was het nog erger. Toen werd de hele landelijke vuilniswagenvloot omgekieperd en moesten onze mannen, gedwongen, alles met de hand oprapen.

Dat was bij de vorige vuilnismannenstaking?
Vorige? Wij zijn in de tussentijd nooit gestopt met staken.

Maar hoe lang bent u dan al bezig?
Hm, geen idee. Maar ik kan me nog herinneren dat toen mijn vader de leiding van de staking kreeg overdragen van mijn opa, opa zei: ‘Als mijn overgrootvader dit zou zien, zou hij glunderen van geluk omdat het werk van zijn opa’s opa niet voor niets is geweest.’

Dus uw mannen zitten nog wel even thuis?
Jazeker. Maar gelukkig komt het WK eraan. En daarna zien we wel weer verder.

Prins carnaval schiet feestvierders neer

Prins carnaval, kolonel Gustavo I, tijdens zijn inhuldiging



ROIPOIPÚ – Prins carnaval van Roipoipú heeft gisteren tijdens de grote optocht drie carnavalsvierders neergeschoten. De prins maakt het goed.

De prins, kolonel Gustavo I, was aanvankelijk niet van zins om zijn sambawagen te bestijgen, maar gaf uiteindelijk toch toe. Dat heeft hij geweten: gezeten op de prinsentroon kreeg hij al na vijf minuten, tijdens het traditionele gooien van snoep, een mangololly in zijn oog, waardoor zijn humeur aanmerkelijk verslechterde. Toen drie medewerkers van de sambawagen hem even later tequila kwamen brengen, trok Gustavo I zijn pistool en beschoot hen. Zijn commentaar: ‘Hoe kon ik weten dat het drie malloten in tijgerpak waren, en niet drie tijgers?’
Tijgers komen op het Zuid-Amerikaanse continent niet voor.

De prins van het wereldberoemde carnaval van Roipoipú is dit jaar voor eerst niet gekozen door het bestuur van de carnavalsvereniging, maar aangewezen door de federale regering. Kolonel Gustavo I is een persoonlijke vriend van generaal Jamón, die diens optreden ‘ongelukkig, maar in principe deëscalerend’ noemt.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Paus

De kerk in Mataquintos waar kardinaal Caramel de zondagsmis leidt

Rondom de tafel werpen twintig paar ogen een gespannen blik op kardinaal Angelino Armando Caramel. Deze tuurt, zweet, geeft een tikje tegen zijn baret, en draait dan met een machtige zwaai zijn rechterarm. Gelach, applaus. ‘Sí!’ Caramel balt zijn vuist van plezier: wéér gooit het hoofd van de rooms-katholieke kerk van Managuay elf bij de eerste worp, waarmee hij zijn inzet verdubbelt. Een medewerker van het illegale casino fluistert: ‘Craps is zijn favoriete dobbelspel. Hij komt hier direct na de zondagsmis.’

Voor het eerst heeft de wereld een paus uit Zuid-Amerika, maar het is de Argentijn Bergoglio geworden, oftewel Franciscus I. Wie zei dat kardinaal Caramel hoge ogen gooide, had het eerder over zijn gokverslaving: de Managuayaan was nooit een kanshebber en mocht zelfs niet naar het conclaaf komen. Voor Rome is Managuay een schandvlek die, zelfs na eeuwenlang boenen, maar niet van de toga gepoetst raakt. Het beleid: zo chic mogelijk negeren.

Maar dat is lastig. Van oudsher rijgt de Managuayaanse geestelijkheid de schandalen aaneen. Caramels voorganger, kardinaal Esposo, kreeg constant het verwijt dat hij zou baden in buitensporige weelde. Dat maakte hem zo woedend, dat hij geregeld zijn midweek shoppen in Madrid afzegde om het tegen te spreken. Beschuldigingen van seksueel misbruik pareerde Esposo evenmin handig. Lang bleef hij ontkennen dat zijn ondergeschikten homoseksuele affaires hadden met jonge jongens, want ‘onze priesters zijn échte mannen.’ Geen wonder dat de vorige paus hem ontsloeg. Diens keuze voor Caramel bleek echter ook geen gelukkige. Zijn bijnaam: ‘de hete tabberd’.

Kardinaal Caramel is klaar met spelen. Uitpuffend neemt hij plaats aan de bar en bestelt een verfrissing. ‘Whisky doble, on the rocks.’ Hij buigt zijn hoofd voor het gebed, alle omstanders bidden mee. Als we weer opkijken, kijken we in het grijnzende gezicht van Caramel. Hij heeft zijn borrel al op.

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Foto María Luísa Corazón del Ángel

‘In Groot Dictee zat spelfout’

MATAQUINTOS – Het Groot Dictee der Managuayaanse taal eindigde gisteren in een hoop tumult. Niet verwonderlijk voor een land waar meer dan 80 % analfabeet is.

Chansonnier Huberto Champán: ‘Dit riekt naar fraude. Er zit een spelfout in het laatste woord, al weet ik niet waar precies.’ Filmster Nicky Sánchez, huilend: ‘Ik hoopte op een plek in de top drie, maar dat is helaas net niet gelukt.’ Sánchez maakte veertien fouten in het woord ‘la’.

Het dictee is in Managuay vooral een amusementsprogramma, waarin vrouwelijke politici hun metersdiepe decolletés tonen en zangers op retour plots uitbarsten in het refrein van hun nieuwste single. Intellectuele uitdaging is afwezig, want sinds jaar en dag bestaat het dictee uit een en dezelfde zin: ‘De lama loopt rond het cisterciënzer klooster.’ (‘La llama camina alrededor del convento Cisterciense.’). Het gemiddeld aantal fouten lag op 109.

Overigens geldt het Managuayaans niet als officiële taal. Spaans is de voertaal van het dictee, maar door velen wordt ‘lama’ als een typisch Managuayaans begrip gezien.

BREKEND: Rebellen Managuay bereiken hoofdstad

Maoïstische rebellen poseren aan de rand van Mataquintos voor een kanon: Álvaro ‘Pretty’ Desdemona (l) en Chico ‘Pipi’ Larque

MATAQUINTOS – De maoïstische rebellen van Managuay hebben dinsdag urenlang een buitenwijk van de hoofdstad Mataquintos beschoten. De regering-Jamón doet de aanvallen af als ‘een opstootje’.

Het offensief heeft tot grote paniek geleid. Bewoners van de wijk verplaatsen zich op dit moment met honderden tegelijk naar het stadscentrum, op zoek naar een veilig heenkomen. De minister van Buitenlandse Zaken, generaal Arnoldo Pelotón, heeft hen echter opgeroepen terug naar huis te gaan. ‘Een opstootje als dit komt voor in de beste wijken,’ zei hij in een radiotoespraak vanochtend (Nederlandse tijd). ‘Vroeger maakten kwajongens katapulten, nu knutselen ze andere dingen in elkaar. Kom op mensen, de tijden zijn veranderd.’ Wie toch naar de binnenstad komt, kan rekenen op een traangaskanon. Pelotón: ‘Dit om het toerisme te beschermen.’

De opmars van rebellenbeweging De Oplichtende Pad bewijst met de charge van dinsdagavond wederom veel sneller te verlopen dan verwacht. In precies een maand tijd hebben de rebellen nu ongeveer een derde van het Managuayaanse territorium in handen, terwijl ook de westelijke provincie Andes op omvallen staat. Het staatshoofd, generaal Jamón, heeft nog steeds niet in het openbaar gereageerd. Wel parkeren voor het presidentiële paleis steeds vaker vrachtwagens van het bedrijf Chihuahua Tierra, gespecialiseerd in tunnelbouw.

De snoepjes van Sint-Cerberus

Met het feest van Sint-Cerberus in aantocht mogen Managuayaanse kinderen weer genieten van de zogenoemde cagarrutas: kleurige snoepballetjes, gevuld met lekkers. En niet alleen de kinderen – elke beroepsgroep in Managuay heeft zijn eigen favoriet. Boeren kauwen op cagarrutas met papaja, in het straatmuzikantencircuit bevat de lekkernij sigarettenstompjes en in de showbizzwereld cocaïne.
Sint-Cerberus zelf maakt het niet uit wat er in de balletjes zit; als ze maar hard genoeg zijn om de kleintjes er goed mee te raken.

Foto: Lota del Horno