Intimidatie drukt sfeer negende etappe

De val van Raborenner Johnny Hoogerland, die niets met onderstaand verhaal te maken heeft

LA LIBERTINA – Ruim een week in de race begint het sommigen te dagen dat een militaire dictatuur niet de beste plek is voor een internationale wielerwedstrijd.

De negende etappe van de Ronde van Managuay werd zondag gedomineerd door een bizar incident. Spanjaard José Fernando Pilque werd 35 kilometer voor de streep aangereden door een begeleidende auto van Team Ejército, de ploeg van het Managuayaanse leger. In zijn val nam Pilque de Nederlandse renner Gérard Vaessen mee, die langs de kant van de weg tussen een kudde fluimende lama’s belandde. Hij moest door zijn ploegleider worden bevrijd. De begeleidende auto van Team Ejército was overigens een T-100-tank, van Sovjet-Russische makelij.

Het incident roept vragen op over de omstandigheden waarin de Ronde van Managuay plaatsvindt. Vorige week woensdag maakte de Managuayaanse wielrenbond al bekend dat bij de uitstippeling van het parcours – met name rond drijfzanden in het jungleachtige noorden – maar liefst drie verkenners zijn zoekgeraakt. Slechts een van hen is teruggevonden, of dat wil zeggen: zijn lijk.

Couleur locale: de keet van Filiberto

Filiberto Cortés was een alternatieve kunstenaar uit Mataquintos die met zijn vrouw en drie kinderen in een commune woonde. Op een dag besloot hij om de vervallen, houten keet van de commune op te frissen door hem met een bont palet aan kleuren te beschilderen. Wekenlang moedigden buurtgenoten hem aan. Zij volgden Filiberto’s vorderingen op de voet. Ter ere van de voltooiing van de kleurige keet organiseerden zij een buurtfeest en hingen een spandoek op met de tekst: ‘Wat een mooie kleuren!’

Op dit moment heeft de militaire oproerpolitie bezit genomen van de keet. De keet is weer donkerbruin. Filiberto is gearresteerd vanwege vermeende homoseksualiteit.

Monsterklus lonkt voor Boskalis: tweede Panamakanaal

Het Panamakanaal

MATAQUINTOS – Boskalis maakt kans op een monsterklus in Managuay. De militaire junta van dat land wil een waterweg aanleggen die moet concurreren met het Panamakanaal.

Boskalis zou de voorkeur hebben van het regime. Dat is goed nieuws voor de Nederlandse baggeraar, die begin deze maand nog in het nieuws kwam omdat een dochteronderneming steekpenningen zou hebben geboden aan ambtenaren uit Uruguay, een buurland van Managuay. Peter Berdowski, de voorzitter van de raad van bestuur, is dan ook uitgelaten: ‘We zitten in Zuid-Amerika natuurlijk midden in een omkopingsaffaire. Maar dat die zo snel zijn vruchten zou afwerpen, is ook voor ons een verrassing.’

Berdowski noemt Boskalis ‘goed ingevoerd’ in de kwestie van een transatlantisch kanaal. ‘We zijn vaker bij landen in de regio geweest die een eigen variant van het Panamakanaal willen. Nicaragua is er nu ook weer mee bezig.’ Van al die landen lijkt Managuay echter de slechtste kaarten in handen te hebben. Het ligt aan beiden zijden duizenden kilometers van de kust verwijderd, zodat een kanaal door Managuay per definitie een kanaal betekent door de buurlanden Brazilië, Paraguay, Bolivia en Peru. Dat zijn bovendien staten waarmee de militaire junta officieel op voet van oorlog verkeert. Berdowski ziet echter ook daar kansen voor Boskalis. ‘Iedereen denkt dat wij alleen maar polders en rivieren uitbaggeren. Maar heeft u onze loopgraven al eens gezien?’

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Jungletocht

Opeens houdt junglegids Ramón zijn adem in. Langzaam brengt hij een vinger voor zijn lippen. ‘We zijn niet ver van de moerassen van Canádos,’ fluistert Ramón. ‘Een uniek ecosysteem: 3000 plantensoorten, 250 vogelsoorten, 350 vissoorten, 100 soorten zoogdieren, 60 soorten reptielen.’ Hij kijkt ons aan. ‘Kortom, een levensgrote delicatessenzaak.’ Met normale stem, wijzend op de ketel met de groene staarten over de rand: ‘Iemand nog leguanensoep?’

Een jungletrek in Managuay is een spannende aangelegenheid, maar vooral voor de dieren die zich langs de route ophouden. Elke gids is een slager. Letterlijk: de Managuayaanse Bond van Slagerbedrijven verplicht al zijn leden om twee weken per jaar door te brengen in het regenwoud van Noord-Managuay, ook wel ‘de Groene Keuken’ genoemd. Het is niet de enige beroepsgroep met een ontspannen houding ten opzichte van de jungle.

Neem de politiek: de moerassen van Canádos vormen niet alleen een uniek ecosysteem, maar ook een massagraf met de afgezonken lichamen van 300.000 politieke dissidenten. Of evenementenorganisaties: muziekfestival Misterioso vindt elk jaar plaats op de plek waar de oprichter, houthakker Carlos Llanos, voor het laatst aan het rooien is geweest. Ook leven in het oerwoud duizenden maoïstische rebellen, wier visie op het milieu nog het best blijkt uit een uitgelekt memo uit 2006, waarin ze de Drieklovendam in bevriende natie China omschreven als ‘de doodsteek voor de natuur, maar wel heel gaaf.’

Ramón weet hoe westerlingen hierover denken. ‘Jullie in Europa hebben makkelijk praten, maar ik hou van onze bedreigde diersoorten. Daarom eet ik ze zo graag op. ’ Hij haalt een apenkop uit zijn rugzak en begint te kauwen. Dan beginnen zijn ogen te twinkelen: hij heeft een goede grap bedacht. ‘Als je dieren zo belangrijk vindt, waarom richt je er dan geen politieke partij voor op?’ De hele groep barst in lachen uit.
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Foto José el Rey

‘2012 is de schuld van Bolivia’

Bolivia


MATAQUINTOS – Een extreem-rechts parlementslid uit Managuay heeft gisteren Bolivia ervan beschuldigd dat het 2012 heeft veroorzaakt.

‘Die ponchodragers voelden de hete adem van Managuay in hun nek,’ zei Paco Tornado tijdens een bijeenkomst van zijn partij PPP (twee zetels, ook voor Tornado’s moeder). Volgens Tornado is Bolivia geen land, maar een ‘fascistische ideologie’. Hij beweerde dat ‘internationale experts’ hebben voorgerekend dat 2011 een maand te vroeg aan zijn einde is gekomen. Daarmee verwees hij waarschijnlijk naar zijn groep van ‘astrologische adviseurs’, onder wie Derek Ogilvie, Char en Elvis Presley.

Ook wees Tornado de schuldigen aan van het feit dat momenteel de leiders van zowel Paraguay, Brazilië, Argentinië als Venezuela met kanker te kampen hebben: de Bolivianen. ‘Mogelijk hebben ze een kankerverwekkende stof in hun panfluiten gestopt,’ opperde de extreem-rechtse leider. ‘Of in hun wc-brillen, of hoe heet zo’n ding, waar je ook aids van krijgt.’

Foto Lota del Horno

Generaal Jamón noemt knieval Balkenende ‘laf’


MATAQUINTOS – Het staatshoofd van Managuay, generaal Jamón, vindt het ‘laf’ dat premier Balkenende nu toch van mening is dat voor de Irak-inval van 2003 ‘een adequater volkenrechtelijk mandaat’ nodig was geweest. ‘Onze showprocessen hebben ook geen adequaat volkenrechtelijk mandaat. Maakt dat ze minder valide?’ vroeg de leider van de militair-democratische republiek zich af.

De generaal deed zijn uitlatingen tijdens een drie minuten durende persconferentie over democratische controle, die hij onverwachts inlaste nadat hij in vijf uur zijn onderbouwing van agressieve militaire interventie had uiteengezet. Een Nederlandse journalist bracht commissievoorzitter Davids en diens Irak-rapport naar voren. ‘Voorzitter Davids had in Managuay moeten wonen, dan had hij geweten welke weg hij moest bewandelen,’ antwoordde Jamón. Die uitspraak moet worden opgevat als een knipoog naar de Avenue van de Voorzitters in Mataquintos, die van het presidentiële paleis naar de grootste begraafplaats van de hoofdstad leidt.

Managuay was overigens niet betrokken bij de inval in Irak. De Verenigde Staten hebben het land niet benaderd, omdat een modernisering van het Managuayaanse leger een bedrag zou hebben gevergd van 250% van de begrote kosten voor de inval. ‘Met dat geld hadden we de hele provincie Basra kunnen afbreken om haar in Arizona weer op te bouwen. In goud,’ verklaarde voormalig vice-president Dick Cheney destijds. Het is de politicus niet kwalijk genomen: hij bezit een vakantiewoning aan de Managuayaanse rivièra.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: De Varkenssnuitskunks

De Patagonische varkenssnuitskunk

Luid wiekend zweeft de helikopter boven de Araná. De maan glinstert in het wateroppervlak. Vijf tot de tanden toe bewapende mannen springen op de oever – ‘Ándale! Ándale!’ – en jagen door de wirwar van straten en steegjes in de hoofdstad. Bij Enrique’s Enchilada’s houdt de eenheid halt. De voorste man kijkt om, zet dan zijn rechterlaars met kracht tegen de deur. Krak!

Zoals de Verenigde Staten de Navy SEALs hebben, beschikt ook de militaire junta van Managuay over haar eigen elitetroepen. Deze fuerza de operaciones especiales werd in 1962 opgericht door de toenmalige dictator van het land, generaal Fabio Flabendas, en heet Los Zorrinos, oftewel: de Varkenssnuitskunks. De naam werd bedacht door Flabendas’ ondergeschikten. Niet om de vasthoudendheid te eren waarmee dit Amerikaanse roofdiertje naar voedsel wroet, maar vanwege de scherpe geur die zijn anale klieren produceren – Flabendas leed aan ernstige winderigheid.

De opleiding tot Varkenssnuitskunk is keihard: zestig procent van de deelnemende militairen haakt voortijdig af. Degenen die de eindstreep halen, worden gedrild in typisch Managuayaanse vechttechnieken als met-zijn-twaalven-een-passant-beknuppelen, de-vijand-onder-tafel-drinken en met-een-tank-op-een-sloppenwijk-inrijden. In beginsel opereren de Varkenssnuitskunks in kleine, flexibele groepen die snel op een terroristische dreiging kunnen reageren. Vaker echter zijn ze dronken. Hun erelijst is indrukwekkend: de Skunks waren actief in voormalig Joegoslavië, Colombia en de F-side van Feyenoord, en volgens experts is zelfs de onverhoopte democratisering van Zuid-Amerika hun fout geweest. Maar daarover wordt nog gebakkeleid.

Enrique wijkt verschrikt achteruit. ‘Iedereen op de grond! Nu!’ Terwijl de overige vier hem rugdekking geven, snelt de voorste Varkenssnuitskunk naar de toonbank en grist een dampend dienblad weg. Tegen de uitbater: ‘O wee, als deze enchilada’s lauw zijn.’ Dan stormt de troep weer naar buiten. Als ze bijna de hoek om zijn, horen we één van hen zeggen: ‘Ik dacht dat de minister taco’s had besteld?’
Roger Abrahams

Cultuur: het carnaval van Roipoipú


In grote delen van Managuay viert men sinds gisteren carnaval. Het beroemdst is het carnaval van Roipoipú in het noorden. Verslaggever Jens Mikkelsen geeft een impressie.

Ach, Roipoipú. Toen ik voor het eerst in Roipoipú arriveerde, trof ik een op straat hangende massa die zich te buiten ging aan muziek, alcohol en seks. En dat was nog in september.

Door Jens Mikkelsen

Een halfjaar later keerde ik terug voor het carnaval, en het was één groot festijn. Wie nog steeds denkt dat het wereldberoemde feest staat voor excessief drankgebruik, losbandigheid en besnorde mannen met opdringerig gedrag, heeft het mis. Immers, het zijn juist de vrouwen die doorgaans een snor dragen in dit land.
Nee, wie naar Roipoipú gaat, kan genieten van tal van evenementen, zoals een zeven kilometer lange optocht en een sambadanswedstrijd, en op het Plaza Real vindt rond middernacht vaak een vechtpartij plaats (niet georganiseerd).

Nazomer in Managuay: Festival El Aire Libre

Na een verloren drankspel verbleef uw correspondent enkele uren in het afgebeelde onderkomen

Om de nazomer af te dwingen, doet correspondent Jens Mikkelsen deze week verslag van zijn zomer in Managuay.
Vandaag: muziekfestival El Aire Libre op het eiland Pudor.

Met zulke namen op het affiche – Christoni Aguilera, Stinque, Jody Bernal – weet de Managuay-kenner waarom muziekfestival El Aire Libre jaar in, jaar uit duizenden Managuayanen weet te lokken: goedkope drank.

Door Jens Mikkelsen

Ook dit jaar zegden topacts als Los Cojones en 50 Peso en Lil’ Carmen af, maar op vrijdagochtend – het evenement is net begonnen – is het op het festivalterrein en de bijbehorende camping al gezellig druk. Onder het genot van een tequila proberen muziekliefhebbers hun tent op te bouwen, rum drinkende technici leggen de laatste hand aan de podia en de met kalasjnikovs uitgeruste beveiligingsdienst staat gezellig te borrelen. ‘Ik kom hier elk jaar,’ zegt kampeerder Sueño, een biertje in de hand. ‘Ik heb echt een band met El Aire Libre. Sterker nog, ik ben hier verwekt. Waarschijnlijk tijdens de editie van 1985, maar mijn ouders waren zo dronken dat ze zich dat niet meer kunnen herinneren.’

Gastvrij als Managuayanen kunnen zijn, biedt Sueño me onmiddellijk een plek aan aan zijn drankspellentafel. Wat er daarna gebeurde, weet ik niet meer zo goed, maar na het kaartje blazen zaten we opeens bij een singer-songwriter, die plots het woord ‘democratie’ gebruikte in een lied, waarop de beveiliging de zaal afsloot en de muzikanten wegrenden, maar sommigen werden gepakt, getaserd en naakt gefouilleerd, terwijl een van de beveiligers naar ons riep dat we moest doorlopen, want ‘hier was niets te zien.’ Maar ja, dat kon dus niet, want de zaal was afgesloten. Toen werd ik wakker in een hoosbui op het strand. Nou weet ik niks meer ik ben nog steeds wat wazig doei Jens


Hallo Rolf,

Nog bedankt dat je de redactieruimte in de gaten wilde houden tijdens mijn vakantie, hè! Nog één vraagje: is het gelukt om die Managuayaanse schoonmaakster/stalker buiten de deur te houden, zoals ik heb gevraagd? Ik kan namelijk opeens een aantal apparaten niet meer vinden (iPad, printer/fax, een mobiele telefoon). Wel ligt er een geopend blik groene zeep op de grond, een paar rubberen handschoenen die volgens mij in het riool hebben gezeten of zo (een lucht, jongen) en, eh, ook heel wat condooms. Dus als jij nog even goed wil nagaan of je haar in de buurt van het gebouw hebt gezien of niet, dan graag. Dat lukt je vast wel, want jij vond haar wel leuk, toch? 😉 En waarom ben je eigenlijk geen conciërge meer hier? Afijn, ik hoor het wel.

Groetjes,

Roger

Vuilnisstaking Managuay in impasse


Na twee weken staken pakken de gemeentereinigers van Amsterdam en Utrecht hun werk weer op. Tijd voor een belletje met Romy Arzt Lobeiro, de leider van de vuilnismannenstaking in Managuay.

Hoe dicht bent u inmiddels bij een akkoord, meneer Lobeiro?
We zijn er ver van verwijderd. De gemeentes willen niet aan salarisverhoging. Terwijl we afgelopen donderdag nog een aanbod hebben gedaan.

Wat voor aanbod?
We eisen nu 35,5% loonsverhoging in plaats van 37%. Een groot offer. Als gebaar hebben we daarom wat zakken verwijderd van de bergen vuil die we rondom alle stadhuizen in het land hebben opgeworpen.

En hoe reageerden de gemeentes?
21 doden.

21 dode ambtenaren? Door stank?
21 dode vuilnismannen. Door tanks.

Dat klinkt als een impasse.
Zeker. Alleen in 1972 was het nog erger. Toen werd de hele landelijke vuilniswagenvloot omgekieperd en moesten onze mannen, gedwongen, alles met de hand oprapen.

Dat was bij de vorige vuilnismannenstaking?
Vorige? Wij zijn in de tussentijd nooit gestopt met staken.

Maar hoe lang bent u dan al bezig?
Hm, geen idee. Maar ik kan me nog herinneren dat toen mijn vader de leiding van de staking kreeg overdragen van mijn opa, opa zei: ‘Als mijn overgrootvader dit zou zien, zou hij glunderen van geluk omdat het werk van zijn opa’s opa niet voor niets is geweest.’

Dus uw mannen zitten nog wel even thuis?
Jazeker. Maar gelukkig komt het WK eraan. En daarna zien we wel weer verder.