Nationaal Historisch Museum komt er toch

De façade van het Museum voor Militaire Geschiedenis in Mataquintos

MATAQUINTOS – Het Nationaal Historisch Museum (NHM) van Managuay komt er toch, maar in een andere vorm. De subsidie gaat voortaan naar het al bestaande Museum voor Militaire Geschiedenis.

Dat heeft de minister van Onderwijs en Propaganda, generaal Rufus Vendetta Malpenso, dinsdag besloten. Met de verplaatsing van de subsidie wordt het NHM feitelijk ontbonden. Het NHM was tot dusver een organisatie zonder pand en hoopte op een vestiging in een vervallen tuinhuis, maar dat was volgens Malpenso ‘onpraktisch’. De minister: ‘Wat heb je aan een nationaal museum als je er niet eens een behoorlijke tank in kwijt kunt? ’

Om toch de schijn van een nationaal historisch museum op te houden, krijgt het militaire museum een nieuwe naam: Museo de la Historia Militar del Pueblo Glorioso de Managuay y de sus Líderes Impávidos, especialmente el Grande Indicador, Generalísimo Jamón (‘Museum voor Militaire Geschiedenis van het Glorieuze Volk van Managuay en van zijn Onversaagde Leiders, met name de Grote Wegwijzer, Generalísimo Jamón’).

Harry Mulisch in heel Managuay uitverkocht

MATAQUINTOS – In heel Managuay is geen Mulisch meer te krijgen. Maar dat ligt niet aan zijn plotselinge dood.

Het oeuvre van Harry Mulisch staat in het Zuid-Amerikaanse land namelijk bekend als een zeer goede ondersteuning van instabiele tafels en kasten. Die prestatie is te danken aan de Managuayaanse uitgever van Mulisch, die al snel doorhad dat de laatste overlevende van de Grote Drie het niet van zijn literaire kwaliteiten moest hebben. Hij gaf hem uit in een handzaam formaat van 10 x 10 cm, voorzien van een hardhouten omslag.

Met name De ontdekking van de hemel is in elk Managuayaans huishouden wel onder een meubelstuk te vinden, omdat het door zijn dikte zowel liggend als staand kan worden gebruikt.
Harry Mulisch geldt in Managuay als een van de best verkochte, ongelezen auteurs.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Mijnbouw

Mijnbouw in Managuay

Manuel Peminto de Flor werpt een rotje de mijnschacht in. ‘Laat je zien!’ Na een knal verschijnt een bestoft koppetje in de lichtbundel van zijn zaklamp. ‘Octavo!’ roept de mijnbouwdirecteur lachend. ‘Dit is mijn zoon, een van de beste gruisrapers van de schacht. Zeven jaar oud, maar een zoon van zijn vader!’

Terwijl Nederlandse topmannen worstelen met het combineren van werk en privé, komt de oplossing uit Latijns-Amerika. ManaMinas, het staatsmijnbedrijf van Managuay, wil ver gaan om haar medewerkers tegemoet te komen. Toen Peminto de Flor klaagde dat hij zijn kinderen te weinig zag, werd hij ontboden op het ministerie van Economie en Mosterdgas. Aanvankelijk voor gedwongen elektroshocktherapie, maar al snel volgde een aanbod: of hij zijn gezin niet – kosteloos – mee wilde nemen op de werkvloer? Nu werken zonen Octavo (7), Juan Rafael (6), Silvio (5) en José (3) in de mijn. Echtgenote Mercedes (42) en dochter Daniela (8) doen de toiletten. Peminto de Flor: ‘Zelf zit ik natuurlijk gewoon op kantoor, maar toch: het idee dat ze vlakbij zijn, stelt me ontzettend gerust.’

Een nadeel is er ook: mijnbouw in Zuid-Amerika kan levensgevaarlijk zijn. Iedereen herinnert zich de oefening in Minas de Chuco in 2010, die aan de buitenwereld moest tonen dat Managuay grote mijnongelukken kan voorkomen. Een ereloge vol militaire kopstukken moest toekijken hoe 237 reddingswerkers in een mijnschacht afdaalden, waarna de liftkabel brak en de schacht het onder luid geraas begaf. Met de militairen gaat het inmiddels weer goed.

‘Onze mijn is een veilige mijn,’ bezweert Peminto de Flor. Op dat moment stort met een hevig gekraak het bovenste deel van de mijnschacht in. De directeur trekt bleek weg. ‘Is Silvio nog beneden?’ vraagt hij. ‘Ja,’ antwoordt Octavo. Peminto de Flor zucht diep. Hij snikt. ‘Zo’n goedkope kracht krijgen we niet snel meer terug.’

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Foto Lota del Horno

Wat is dit? IV, slot

Met rasse schreden naderen we de ontknoping van het drama rond de verdwijning van onze trouwe lezer, de heer Thom Pak Phnau, en de vraag: wat staat er in godsnaam op bovenstaande foto?

Een laatste inzending, afkomstig van de heer Jorg Adder, zou wel eens de waarheid kunnen bevatten. Adder schrijft: ‘Beste Jens, de buurjongen van de neef van mijn oudoom begon op Boliviahaatdag altijd mooie verhalen te vertellen [over] hoe zij de Boliviaanse panfluitisten probeerden te verjagen. Daarbij had hij het eens over [het] bij elkaar drijven in tunnels en over Indiana Jones-achtige vallen [zie onderstaande illustratie]. Ik denk dat [het voorwerp op de foto] een testbal is.’

En daar zou Jorg Adder wel eens gelijk in kunnen hebben! Met het verschil dat het om een testbal gaat in een val die door de maoïstische rebellen wordt gebruikt. Immers: er is nieuws over het lot de heer Thom Pak Phnau. De redactie van Managuay.info heeft eerder deze week een fotorolletjeshouder ontvangen met een duim erin. Het zou gaan om de duim van de heer Pak Phnau. Op een begeleidend briefje staat: ‘Wil je meer zien, dan moet je betalen. De maoïstische rebellen.’

Een schande, waaraan wij nooit zullen toegeven. Dat zou de heer Thom Pak Phnau als geen ander begrijpen. Sterkte, Thom Pak Phnau!

Hoogachtend,

Roger Abrahams
Hoofdredacteur
Managuay.info

Denemarken weigert vliegtuig minister


KOPENHAGEN – Denemarken heeft het vliegtuig van de Managuayaanse minister van Milieu de toegang geweigerd. Het toestel zou te oud en vervuilend zijn. Volgens de minister gaat het echter om een oorlogsverklaring.

Vanochtend rond vier uur werd de Toepolev uit 1956 van minister Pinto de Caña gesommeerd rechtsomkeert te maken. De furieuze minister, die de klimaatconferentie van Kopenhagen had willen bijwonen, vloog na een tankstop in Duitsland direct terug naar Zuid-Amerika. ‘Dit toont de ware aard van de Denen,’ brieste Pinto de Caña na een noodlanding nabij het vliegveld van Mataquintos in Managuay (foto). ‘Met onze Toepolev is niets mis. Het is zeven jaar geleden nog opgelapt met delen uit de beste Antonov-showmodellen.’ De minister vermoedt een dieperliggende oorzaak. ‘De Denen zijn uit op de Belvinas-eilanden, dat is helder. Maar daar zullen ze oorlog om moeten voeren.’
De Belvinas-eilanden, op 3000 kilometer van het door land ingesloten Managuay, is Ecuadoriaans grondgebied. Managuay viel de eilanden binnen in de jaren 30 van de vorige eeuw, waarmee het de rampzalig verlopen Taco-oorlog ontketende. Daarin verklaarde het land de oorlog aan vijf verschillende buurlanden tegelijk en verloor vervolgens tweederde van zijn grondgebied.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Filmfestival

Een sopropo

Van wat voor muziek hou jij?’ Of: ‘Evita Perón, vrouw of musicalster?’ Er zijn veel opmerkelijke vragen denkbaar tijdens de liefdesdaad, maar regisseur Andrés Papachango (1949) sprak ze echt uit. Sterker: het enfant terrible van de Managuayaanse cinema liet de camera’s lopen terwijl hij het deed.

Liefde (Amor, 2008) is sinds afgelopen zaterdag te zien in een nevenprogramma van het Managuayaans Film Festival (MFF). Een gewaagde keuze, aangezien de film destijds door de critici werd afgedaan als ‘een goedkope aaneenschakeling van ruim veertig hoerenbezoeken’ en ‘een slap excuus om zoveel mogelijk vrouwelijk naakt te laten zien’.

Het zijn deze nevenprogramma’s die het MFF doorgaans zo geslaagd maken.
Zeker nu de uitreiking van de Gouden Lama’s steeds meer een gelegenheid wordt waarin de militaire junta een beslissend woordje meespreekt. Zoals vorig jaar, toen een wanproduct van het Managuayaanse leger de grote winnaar werd: Het bloedbad bij San Fernando, een in real time nagespeelde veldslag van dertien (!) uur. De makers wilden speciale effecten gebruiken, maar het officierskorps stond erop om de complete slachting over te doen.

Nee, dan het ingetogen werk van Papachango. Neem het magistrale Alles over mijn vader (Todo sobre mi padre, 2001), waarin een travestiet, de zoon van twee travestieten, op zoek gaat naar zijn vader, die nooit een echte travestiet blijkt te zijn geweest, maar slechts een travestietachtige manhoer die travestieten als klant heeft.

Of Diepe vouwen (Arrugas profundas, 2010), door Papachango geroemd als ‘het bewijs van cinematografische schoonheid op het snijvlak van erotiek en origami.’ En de broeierige roadmovie Twee sopropo’s en een perzik (Dos sopropos y un melocotón, 2003). Daarin razen twee jongens en hun buurvrouw uit verveling over de pampa’s. De sopropo – een soort komkommer – uit de titel verwijst naar de permanente staat van opwinding van het duo.

Ook bij deze films kreeg Papachango het verwijt van effectbejag. Zijn reactie luidde steevast: ‘Wie de plot niet vat, heeft in elk geval een paar lekkere tieten gezien.’
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Lauwe campagne gemeenteraadsbenoemingen


SAN FERNANDO – In Managuay is het enthousiasme voor de gemeenteraadsbenoemingen van aanstaande woensdag ver te zoeken. Vrijwel overal is al duidelijk welke officieren door generaal Jamón zullen worden aangesteld.

Door Jens Mikkelsen

Zoals in San Fernando (foto), een stadje van 18.000 inwoners in de zuidelijke pampa’s. De lokale strijd om de macht werd al maanden geleden beslist toen korporaal Bisbál de Maracas na een maandenlange belegering de familiewoning van zijn belangrijkste opponent, majoor Przewalski, in de as wist te zetten. Bisbál de Maracas wordt vrijwel zeker tot burgemeester van San Fernando benoemd, waarna de gemeenteraad en bijbehorende kas open staat voor zijn familie, vrienden en zakenrelaties.

De enige gemeente waar de benoemingen nog onzeker zijn, is Alcazar in het moerasachtige noorden. Het is de thuisbasis van de zelfs voor een militaire dictatuur ultrarechtse politicus Paco Tornado, die de Boliviaanse immigranten van Alcazar consequent ‘schurftige chihuahua’s’ noemt, maar gelijktijdig benadrukt dat dit ‘niet persoonlijk’ is.

Journalist doodgepest om radiodocumentaire

Kokosnoten

MATAQUINTOS – Een Managuayaanse radiojournalist is afgelopen zaterdag doodgepest door een woedende menigte.

Het gaat om Huberto Molinero, een verslaggever van staatsomroep Corrupción 24. Aanleiding was een radiodocumentaire waarin Molinero vraagtekens plaatste bij de zelfmoord van een twintigjarige jongen, eind vorig jaar. Die zou volgens zijn ouders zelfmoord hebben gepleegd omdat hij werd gepest op school. Woedende radioluisteraars gingen de straat op, sleurden Molinero uit zijn huis en bekogelden hem met kokosnoten.

‘Zo’n journalist die zijn gelijk probeert te halen in een familiedrama, dat is toch ziek?’ vertelde een van de luisteraars na afloop. ‘Het gaat ons om respect. Daarom moest hij dood.’ ‘Molinero was een pestkop, en daarom hebben we hem teruggepest,’ zei een ander. ‘We hebben hem zo hard met kokosnoten tegen zijn hoofd gepest, dat hij niks meer zei. Of dat ook pesten is? Jawel, maar hij is begonnen.’

‘De ouders, familie en vrienden hebben al genoeg verdriet,’ verklaarde een derde de lynchpartij. ‘Zij willen rust, geen ander, genuanceerd verhaal. Er wás toch al een verhaal?’ Een vierde: ‘Het gaat hier om de waarheid. Ónze waarheid, niet die van hem. Oké, we hebben Molinero misschien vermoord, maar we zijn dan ook oprecht verontwaardigd.’

Een andere verslaggever van Corrupción 24 is inmiddels bezig met een kritische documentaire over Molinero. De woedende radioluisteraars hebben hem al met de dood bedreigd als hij ‘het tragisch overlijden van een gerespecteerd radiojournalist’ niet met respect behandelt.

Sexy Carnavalista van de Dag: Gisela & Farfandra

De Sexy Carnavalista’s van deze eerste, officiële carnavalsdag zijn Gisela (19, links op de foto) en Farfandra (21) uit feeststad Roipoipú. ‘Zonder carnaval kunnen we niet leven,’ lacht Gisela. Farfandra vult aan: ‘Met carnaval krijgen we alles wat ons hartje begeert. Of ik daarmee jongens bedoel? Ha ha, nee hoor, dat wordt altijd zo overdreven. Maar zou je ons gezicht op de foto willen zetten in plaats van onze borsten? We willen graag anoniem blijven.’