Sócrates dood, Aristóteles krijgt nieuwe lever

Sócrates, een held in Brazilië

LA LIBERTINA – Amper is de Braziliaanse topvoetballer Sócrates overleden of diens broer, Aristóteles, maakt een doorstart via een succesvolle levertransplantatie.

Beide broers leidden voetballevens die parallel liepen aan elkaar, totdat Sócrates gisteren op 57-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van een darminfectie. Hun onbezorgde jeugd in het Noord-Braziliaanse Belém, waar ze opgroeiden met hun broers Archimédes, Pythagóras en buitenbeentje Rai, stond in het teken van voetbal. Maar waar Sócrates furore maakte met zijn hakballetje, liet Aristóteles een agressievere speelstijl zien: zijn ‘hakbal’ bestond uit een hoge lob, om vervolgens, terwijl de tegenstander naar de bal tuurde, met een Zwitsers zakmes snel een kootje van diens vinger eraf te kappen.

Het was dan ook snel duidelijk dat Aristóteles in het Braziliaanse voetbal niets te zoeken had, maar des te meer in het voetbal van buurland Managuay. Hij emigreerde, liet zich naturaliseren en werd begin jaren 80 aanvoerder van het Managuayaanse nationale elftal. Zijn eerste maatregel: het bewapenen van defensie, middenveld en aanval met mini-machetes in de kous. Terwijl Sócrates beroemd werd met de Goddelijke Kanaries, groeide Aristóteles uit tot een in Managuay legendarische speler die nog steeds vereenzelvigd wordt met het voetbal van de ‘Bloedrode Selectie’ van 1982, ook wel het gewelddadigste nationale team genoemd dat nooit aan een WK deelnam.

Ook buiten het veld spreidden de broers dezelfde interesses ten toon. Waar Sócrates een gediplomeerd arts was en een democratisch activist, kluste Aristóteles bij door – dronken – aderlatingen uit te voeren op wanhopige sloppenwijkbewoners en vroeg hij zich hardop af wanneer de toenmalige junta’s van Managuay en Brazilië gezamenlijk ‘agressor’ Frans Guyana zouden binnenvallen.

Beiden waren ook fameuze drinkers, die kampten met leverproblemen. Maar waar Sócrates een voorkeursbehandeling weigerde en zo feitelijk zijn eigen gezondheid in gevaar bracht, vroeg Aristóteles gisteren niet of zijn nieuwe lever legaal was verkregen, maar liet hem eenvoudigweg plaatsen. Het heeft hem weer een aantal jaren respijt opgeleverd.

Lucía de Burgos (84) onschuldig verklaard


SAN LUÍS – Verloskundige Lucía de Burgos is na 48 jaar gevangenschap eindelijk vrij. Volgens Justitie heeft zij in de jaren 60 toch geen baby’s op afstand verwekt om met hun vlees en bloed een enchiladarestaurant te beginnen.

De Burgos trok in 1961 de aandacht toen tijdens een van haar diensten op de afdeling verloskunde van het stadsziekenhuis van San Luís een baby werd geboren. Ze werd onmiddellijk op non-actief gesteld. Een ingeschakelde statisticus concludeerde dat het geboortecijfer tijdens diensten van De Burgos ‘exorbitant hoog’ was. Nu is gebleken dat de expert het geboortecijfer onder meer vergeleek met dat van een metselaar.
Collega’s van De Burgos, die haar wel eens betrapten met een boek, noemden haar ‘raar’ en zeiden dat ze ‘stonk’. Langzaam ontstond het vermoeden dat De Burgos baby’s opwekte bij niet-zwangere vrouwen ten behoeve van de carrière van haar man, een mislukte kok. Een militaire rechtbank bestempelde haar in 1962 tot heks en De Burgos verdween achter de tralies.
De minister van Justitie, generaal Oswaldo Belém, heeft nu verklaard dat het onderzoek ‘waarschijnlijk enkele hiaten bevat.’ Daarna smeekte hij De Burgos om hem niet te bezwangeren.
Overigens herhaalde Belém slechts een officieel vonnis van elf jaar geleden, maar De Burgos kon niet eerder vrijkomen omdat haar dossier zoek was.

Latijnse schone op Eurovisie Songfestival?

Zangeres Luísa Campaña


DÜSSELDORF – Op het Eurovisie Songfestival in Düsseldorf zou volgende week zomaar een verrassingsact uit Managuay kunnen staan. Zonder kleren.

De 19-jarige Luísa Campaña (foto) is door de Managuayaanse staatsomroep (REM) uitverkoren om haar liedje ‘Caramba! (Where Is My Pantyhose?)’ voor honderden miljoenen Europeanen te vertolken. Dat Managuay geen lid is van de Europese Radio-Unie ERU en dus niet mag meedoen aan het Songfestival, deert de Managuayanen niet. ‘Luísa is heel getalenteerd, en ze doet haar kleren uit,’ aldus een woordvoerder van de REM. ‘Wie kan daar nou iets tegen hebben?’

Luísa laat weten dat ze ‘ontzettende zin’ heeft om de juryleden van de verschillende Europese landen te ontmoeten. Met Spanje heeft ze vandaag al een afspraak (van 13:00–14:00 uur in het NH Hotel in Valencia), Portugal volgt donderdag (motel Porta Oberta, Coimbra, 16:45–17:15 uur).

BREKEND: Rebellen zetten presidentiële paleis Managuay in vuur en vlam

Het Gecamoufleerde Huis in Mataquintos,
afgelopen nacht (Managuayaanse tijd)

MATAQUINTOS – Maoïstische rebellen hebben zondagavond het Gecamoufleerde Huis gebombardeerd, de ambtswoning van generaal Jamón in het centrum van Mataquintos. De brandweer durft niet uit te rukken, aangezien het staatshoofd daar niet expliciet om heeft gevraagd.

Met de geslaagde aanval op hét symbool van het regime is de militaire junta van generaal Jamón in het hart geraakt. Desondanks houdt de commandant van de brandweer zich vooralsnog koest. ‘De laatste keer dat we uit eigen initiatief hebben geblust, bleek het om een brandoefening te gaan,’ legt deze Lucio Millán uit. ‘Dat hebben we geweten: de helft van ons korps werd voor straf in de hens gezet.’ De commandant zegt te wachten op een order van de regering.

Of die komt, is nog maar de vraag. Sinds het uitbreken van de maoïstische rebellie begin september heeft deze rampzalig uitgepakt voor het militaire bewind. De maoïsten veroverden in rap tempo grote delen van het land, vaak slechts door lokale overheden zich bij hen te laten aansluiten. De junta heeft alleen serieuze tegenstand geboden in haar machtsbasis Mataquintos, maar wist amper een vuist te maken. Generaal Jamón heeft geen moment een beroep gedaan op zijn onderdanen, behalve – zo is ons ter ore gekomen – tot bouwers van ondergrondse tunnels, verhuisondernemingen en touroperators gespecialiseerd in reizen naar bevriende staten als Syrië en Rwanda.

Foto Rogelio de la Sierra

Japanner finisht als eerste, maar militair wint

La Ronda de Managuay: aan het begin van de slotetappe
leek er nog niks aan de hand

MATAQUINTOS – De Japanner Rokuro Den van Team Harakiri ging zondag juichend over de finish in de slotetappe van de Ronde van Managuay. Hij won echter niet.

Stomverbaasd moest Den toezien hoe zijn rivalen van Team Ejército hem voorbijfietsten. Een halve kilometer verder werd majoor Guillermo Rezende de etappezege toegekend. Overigens blijft Den wel de eerste in het algemeen klassement.

Team Ejército, de wielerploeg van het Managuayaanse leger, kan maar moeilijk verkroppen dat het dit jaar in de Ronde van Managuay verplicht een toontje lager moet zingen. Tijdens de editie van vorig jaar, die het leger won, klaagden sommige renners over intimidatie door militairen, zoals het langzaam inhalen met doorgeladen kalasjnikovs op de rug en het opwerpen van wegblokkades op het parcours.

Team Goede Sfeer – de wielerploeg waarvan gezegd wordt dat hij uit de voetballers van Oranje bestaat die door Louis van Gaal op teambuildingsmissie zijn gestuurd – haakte vrijdag al af, wegens ruzie.

ONDERTUSSEN IN MANAGUAY: Eindejaar

Vreugdevuur in San Cristóbal, 31 december 2012

Ramira (17) rookt doodgemoedereerd een shaggie op het plein van San Cristóbal, een stadje in de Managuayaanse Andes. Vriendin María (18) veegt met anderen de restanten van het nieuwjaarsvuur bijeen. Elke keer als deze haar een nagloeiende stoelpoot of speelgoedbazooka toeslingert, duikt Ramira opzij. ‘Gevaarlijk? Welnee,’ lacht ze. ‘Iedereen heeft hier derdegraads brandwonden in januari.’

Jaarwisselingen in Managuay zijn berucht. Het patroon is dit: met Oud en Nieuw vallen honderden doden en gewonden, de politie blijft op haar post en in de ochtend verklaart de Staatsgezondheidsdienst dat alles rustig is verlopen. Zo ook dit jaar. De werkelijkheid is echter anders: metropool Mataquintos snoof tot het ochtendgloren, in het jungleachtige noorden slingerde men naakt aan lianen en op de pampa’s van het zuiden vonden weer de met drank overgoten lamarodeo’s plaats. En in de Andes, in het westen, streefde elk plaatsje naar het hoogste vreugdevuur. 

Dit jaar streek San Cristóbal met de eer: de vlammen reikten wel 21 meter hoog. Het resultaat van gemeenschapszin, stelt Geraldo Puños (59), een van de vegers op het plein. ‘Aan de brandstapel draagt iedereen zijn steentje bij,’ zegt hij. ‘Een oud kastje, een stoel.’ Zelfs de overheid deed mee: de Immigratiedienst doneerde zevenhonderd in beslag genomen panfluiten van illegale Bolivianen, en één beenprothese.

Het vreugdevuur is simpelweg een traditie in San Cristóbal. Na middernacht vormen de mannen uit het stadje een kring en dansen er zo dicht mogelijk tegenaan. Wie als eerste zijn snor schroeit, krijgt – behalve rode blaren in zijn gezicht – de unieke kans om de nacht door te brengen met een scholiere naar keuze.

Ramira lacht: afgelopen maandag was zij zo’n scholiere. ‘Ik wist van toeten noch blazen, ik vond er niks aan. Toen hij zijn vriendengroep ging halen, ben ik hem snel gepeerd!’
Noud Nijssen

Deze culturele reportage was eerder te lezen in de Volkskrant.

Ook mijnbouw Managuay maakt balans werk en privé mogelijk


MINAS DE CHUCO – Mijnbouwdirecteur Manuel Peminto de Flor kon niet meer verdragen dat hij zijn vrouw en kinderen zo weinig zag. Nu werken ze vol enthousiasme mee in mijnschacht Cecilia.

Door majoor Carizón

Manuel Peminto de Flor werpt een brok bauxiet de mijnschacht in. ‘Oye! Laat je eens zien!’ Een bestoft koppetje verschijnt in de lichtbundel van zijn zaklamp. Het is Octavo, Peminto de Flors oudste zoon. ‘Octavo!’ roept de breed lachende directeur. ‘Hij is een van de beste gruisrapers van de schacht,’ vertrouwt hij schrijver dezes niet zonder trots toe. ‘Zeven jaar oud, maar een zoon van zijn vader!’
Terwijl steeds meer topmannen worstelen met het combineren van hun werk- en privé-leven, maakt staatsmijnbedrijf ManaMinas dromen waar. Toen Manuel Peminto de Flor het ministerie van Economie en Mosterdgas meldde dat hij zijn kinderen te weinig zag, kreeg hij eerst gedwongen elektroshocktherapie, maar direct daarna een aanbod om zijn gezin kosteloos de werkvloer op te nemen. Peminto de Flor: ‘Dat was een pak van mijn hart. Zelf zit ik natuurlijk niet in de schacht, maar op kantoor, maar toch: het idee dat ze vlakbij zijn, stelt me ontzettend gerust.’

En u? Hoe balanceert u tussen werk en privé?
Dit bericht maakt onderdeel uit van de Postbus 43-campagne ‘Balanceren doe je zo’ van het Ministerie van Propaganda.

Ontdek de schaduwzijde van de Andes! (reclame)


Vliegvakantie naar Chuco met verblijf in een pension met vier sterren in de ramen
Vanaf € 1299
(p.p./5 dgn, inclusief smeergeld)

Kom voor een midweek naar Managuay! Deze vriendelijke Zuid-Amerikaanse dictatuur heeft meer te bieden dan tankfiles en publieke executies, zeker als u zich niet kritisch uitlaat over de regering.
Chuco, de prachtige hoofdstad van de Andesprovincie, is de schoonste stad van het land vanwege de lokale gewoonte om alle huisvuil in de dalen te werpen. In de omgeving kunt u heerlijk wandelen en fietsen. Ook kunt u de lokale cultuur opsnuiven op de cocaïneraffinaderij van Adalberto Silencioso of een weeskind kopen op de markt van Quetziquetzicango (let op: het weeshuis verwijdert de hoes pas na contante betaling).
Profiteer nu van onze speciale 5 = 4-actie! Boek voor vijf dagen en ontvang vier onvergetelijke overgeefervaringen met de lokaal gestookte absint van lamamelk.

Mail naar gerard@lamalovers.com

Nazomer in Managuay: Barbecue

Varken aan het spit: de Managuayaanse culinaire traditie staat dicht bij de natuur, en bij een voedselvergiftiging.

Om de nazomer af te dwingen, doet correspondent Jens Mikkelsen deze week verslag van zijn zomer in Managuay.
Vandaag: barbecuen bij de familie Rosas.

De verhalen over de barbecuecultuur in het dorpje San Adolfo Tedesco zijn talrijk. Ze blijken allemaal waar. Ook de gruwelijke.

Door Jens Mikkelsen

Toen Jacques Huisman, een vaste lezer van dit weblog, eind juli mailde dat hij op zijn vakantie in Managuay zomaar voor een buurtbarbecue werd uitgenodigd, noteerde ik het dorpje in kwestie meteen in mijn agenda. Nu kon ik er eindelijk heen: San Adolfo Tedesco. Het paradijs voor barbecuërs, gelegen op de zuidelijke pampa’s en gezegend met een ongelooflijke hoeveelheid bijnamen, waarvan ‘De Nationale Grill’ de gezelligste is en ‘De Gloeiende Hel Voor Alles Op Vier Poten, Behalve Vrouwen’ de angstaanjagendste.

De reis vanuit de hoofdstad Mataquintos duurt maar liefst vijftien uur: per trein, per minibus en – als laatste, maar comfortabelste etappe – per moeder, gewikkeld in zo’n veelkleurig, op haar rug hangend doek, waarin ze in deze contreien ook wel eens kleine kinderen vervoeren. Een slopende trip, maar je ziet weer eens iets anders van het land en bovendien hebben mijn doekgenoten Werner (2), Diego (3) en Yacinta (4) een hoeveelheid lolly’s en zakken chips mee die het reizen er bijzonder aangenaam op maakt.

Aangekomen in San Adolfo Tedesco stelt mijn reismoeder zich eindelijk voor. Ze heet Danita Rosas (17) en woont met haar moeder Melva en haar zeven kinderen in een huisje. Onmiddellijk verdwijnt ze naar binnen, waarop Melva me een tequila aanbiedt en dan over het gazon begint te lopen, terwijl ze ‘Adolfo! Adolfo!’ roept. Of haar man ook thuis is, vraag ik? Ze gromt: ‘Was mijn man maar zo knap als Adolfo.’ Twee tellen later komt een bruin-roze beest het gazon op rennen: Adolfo blijkt een fors zwijn te zijn.

Ik realiseer me: amper aangekomen in San Adolfo Tedesco is de barbecue al begonnen! Terwijl Melva Adolfo lief toespreekt, wurgt en vilt, stapt Danita de tuin in met een enorme houten spies en begint een vuur aan te leggen. Met de fles tequila die mij in de handen wordt gedrukt, moet ik proosten: op de Managuayaanse barbecue! Danita, Melva en Marcelo (8, de oudste), proosten mee, tussen de bedrijven door.

Tevreden plof ik neer op een stoel, bestel een lamamelk met rum – Gino (7) blijkt een formidabele cocktailmixer te zijn – en knip deze foto. Dan denk ik bij mezelf: …nou ja, ik weet niet meer zo goed wat ik dacht, maar verdorie, wat heb ik genoten.