De pot-verwijt-de-ketelste situaties uit de geschiedenis

Saadi Kadhafi, toen zijn vader nog heerste over Libië

UTRECHT – Saadi Kadhafi beschuldigt het nieuwe bewind in Libië van een ‘barbaarse executie’ van zijn vader en van ‘grotesk misbruik van de lijken’. Kadhafi is de zoon van ex-dictator Muammar Kaddafi, die 42 jaar lang in het zadel zat en naar schatting tienduizenden doden op zijn geweten heeft.

Ook de Managuayaanse geschiedenis staat bol van voorbeelden waarin de spreker niet echt recht van, eh, spreken had.

1723 – ‘Kom, doe niet zo wreed.’
Gouverneur Isidoro Burgos y Algarve eist applaus van 72 krijgsgevangenen die op het punt staan onthoofd te worden, maar voor wie Burgos y Algarve wél een zacht kussentje op het hakblok heeft geregeld.

2010 – ‘Iets meer vanuit je buik.’
Felipe Valdispetti (12) tegen Jeremy Fuentes (21) na diens auditie voor de talentenjacht The voice of Managuay. Bij Valdispetti’s eigen auditie draaide geen jurylid zich om, vanwege – zoals ze later bekenden – zijn ‘kraaiachtige stemgeluid.’ Fuentes won uiteindelijk de wedstrijd.

1942 – ‘Volgens mij heb je weer met je neus gekeken.’ De Managuayaanse luchtvaartpionier Federico Fotze tegen zijn assistent tijdens het neerstorten van het prototype F1, een vliegtoestel waaraan Fotze zeventien jaar lang had gesleuteld. Kort voor het opstijgen had hij zijn assistent verzocht om ‘nog even wat schroefjes aan te draaien.’

Winnaar Gouden Lama spoorloos

MATAQUINTOS – Van Nazario Campos, de acteur die vrijdag een Gouden Lama ontving voor zijn rol in de film La Paz, ontbreekt sindsdien ieder spoor.

Campos, van Boliviaanse afkomst, zorgde voor een hoogtepunt op de slotavond van het Managuayaanse Filmfestival (MFF) met zijn emotionele dankwoord. ‘Deze Lama staat voor het overwinnen van angsten. Helaas vinden sommige politici het heel begrijpelijk, angst voor buitenlanders. Nou, ik heb een fucking Gouden Lama in mijn hand!’ Na deze woorden ebde het aanvankelijk enthousiaste applaus snel weg en werd Campos door een eenheid van de oproerpolitie naar buiten geëscorteerd. Filmcriticus Pedro Vicino, achteraf: ‘Zo’n dankwoord is in een democratie misschien heel mooi, maar in een militaire dictatuur een beetje dom.’

La Paz, een road movie waarin drie vrienden een panfluit terugbrengen naar Bolivia, was de enige onafhankelijk gemaakte film die in de prijzen viel. De grote winnaar was – zoals verwacht – Het bloedbad bij San Fernando, een in real time nagespeelde veldslag van dertien uur waarin de glorie van het Managuayaanse leger wordt benadrukt. Aanvankelijk wilden de makers gebruik maken van speciale effecten, maar het officierskorps stond erop om de complete slachting over te doen voor de camera’s, inclusief 2300 gevangenen en daklozen voor de rol van opstandige rebellen.

De 3 irreëelste eisen uit de geschiedenis (van Managuay)

De Jemenitische president Ali Abdullah Saleh

SANAA – President Ali Abdullah Saleh van Jemen heeft vandaag een opmerkelijke, nieuwe voorwaarde gesteld voor zijn aftreden: voormalige bondgenoten die naar de oppositie zijn overgelopen, mogen straks niet meedoen aan de verkiezingen, vindt Saleh.

Ook de geschiedenis van Managuay is rijk aan verzwakte leiders die, tegen beter weten in, toch hun stempel op de gang van zaken wilden drukken:

1963: ‘Ik wil bij nader inzien toch geen Turks marmer in mijn mausoleum, maar Italiaans.’ Alleenheerser generaal Fabio Flabendas tegen zijn getrouwen, vanaf zijn sterfbed. Flabendas’ lichaam werd direct na zijn overlijden gedumpt in een massagraf.

1528: ‘Akkoord, ik geef jullie inspraak! Maar niet die meute achter jullie, want die ken ik niet zo goed.’ Gouverneur Matías Fernández de Velasco tegen de voorste twee van een horde zwaarbewapende edelen die hem op het dak van het 46 meter hoge gouvernementele paleis van Mataquintos in een hoek hadden gedreven.

1876: ‘Ik eis een voorsprong van vijf seconden!’
Tiran generaal Bernardo Benzeen tegen zijn politieke rivaal, generaal Marco Schwartz, bij aanvang van een hardloopwedstrijd die bedoeld was om de machtsconflicten tussen de twee voor eens en altijd bij te leggen. Benzeens beide benen waren zojuist, bij het verlaten van de kleedkamer, afgehakt door handlangers van Schwartz.

1637: Francisco Filizzola

Francisco Filizzola

Francisco Filizzola (1562–1637) was een wetenschapper, filosoof, staatsman, jurist, auteur en een van de grondleggers van het empirisch onderzoek in Managuay. Een echte alleskunner dus. Ironisch genoeg overleed hij tijdens een experiment na iets wat hij absoluut niet kon: drinken. Na een avond kaartje blazen in 1637 besloot Filizzola, lazarus, om ‘de veerkracht van glaswerk‘ te testen: hij vulde een leeggedronken rumfles met 700 gram buskruit en gooide er het stompje van zijn sigaar bij. Zijn hoofd is nooit teruggevonden.

Tegenwoordig gedenkt Managuay de grote Filizzola dan ook niet om zijn filosofieën of juridische verhandelingen, maar als ‘de peetvader van de honderdduizendklapper’.

Mad men-acteur kon Emmy laten omsmelten

Jon Hamm als Don Draper in Mad men

LOS ANGELES – Acteur Jon Hamm is gisteravond in Los Angeles benaderd door een man die zijn Emmy Award wilde omsmelten.

Hamm, die genomineerd was voor een Emmy in de categorie Beste Acteur in een dramaserie, werd kort voor de officiële uitreiking in Los Angeles benaderd. Hamm: ‘Opeens stapte iemand met een Zuid-Amerikaans uiterlijk op me af en stelde zich voor als Pedro. Hij zei: “Als je dat beeld wint, kan ik het voor je omsmelten tot een gouden tand. Of een enkelbandje, voor je chick. Jullie reclamemensen zijn toch zo hip en modern?”’ Hamm was genomineerd voor zijn rol als Don Draper in de dramaserie Mad men, die speelt in de New Yorkse reclamewereld van de jaren 60. Hij kreeg de prijs overigens niet.

Managuay-kenners vermoeden dat Hamm is benaderd door Rodrigo Malfalfa, een Managuayaanse oplichter die constant in geldnood zit. Het incident illustreert volgens hen dat voor veel inwoners van het Zuid-Amerikaanse land, dat in bepaalde opzichten stevig in de jaren 70 is blijven hangen, zelfs het New York van de jaren 60 nog hip en modern lijkt.

1861: Eppo Martinus Llull

Naar de Managuayaanse ondernemer Eppo Martinus Llull (1830–1899) – van Nederlandse afkomst, vandaar zijn naam – zijn meer straten genoemd dan deze, in de Catalaanse wijk van Mataquintos. Llull was de man die Managuay bijna eigenhandig industrialiseerde met zijn palm-, ethanol- en gordeldierverwerkende fabrieken op de zuidelijke pampa’s. Hij was ook de eerste Managuayaan met een heldere visie op arbeidsrechten: die vond hij bespottelijk. Van de 300.000 man die hij in 1861 in dienst had, op het hoogtepunt van zijn macht, was twee jaar later 60% overleden. Zijn commentaar: ‘Al werken hier vijf miljoen man, er is maar één Llull. En dat ben ik.’
Door zijn forse postuur werd Llull ook wel ‘De Dikke’ genoemd.

‘Bouterse was slechts kleine drugsbaas’

MATAQUINTOS – De onthulling dat de Surinaamse president Desi Bouterse vijf jaar geleden innige banden had met een grote transporteur van drugs in Zuid-Amerika, moet worden gerelativeerd.

Dat zegt Adalberto Silencioso, een Managuayaanse cocaïnebaron en directeur van het raffineerbedrijf Coca Loca. Silencioso noemt zichzelf een écht grote drugsbaas, ‘de Pablo Escobar van Managuay’. Over de organisatie van het Zuid-Amerikaanse drugsverkeer halverwege de jaren 2000: ‘Ik had in die tijd regelmatig bijeenkomsten met de Pablo Escobar van Venezuela, de Pablo Escobar van Brazilië, de Pablo Escobar van Peru en de Pablo Escobar van Ecuador. Bouterse mocht ook af en toe aanschuiven, maar omdat hij zo’n klein drugsbaasje was, noemden we hem Pablito.’

Op de vraag of Silencioso het betreurt dat Bouterse nu uit het drugscircuit is, verschijnt er een spottende glimlach op zijn gezicht. ‘Hoezo uit het circuit? Hij is nu toch president?’

Beroemde Managuayanen: Jorge Vacaflor

Jorge Vacaflor (1983) vervulde een jongensdroom: begonnen als verkoper van speelgoedautootjes, maakte hij furore als coureur op het levensgevaarlijke racecircuit van Mataquintos. Al op zeventienjarige leeftijd beleefde én overleefde hij zijn eerste ongeluk, waarbij hij maar liefst 21 keer over de kop vloog in een brandende Ferrari uit 1957. Na het ongeluk kon Jorge niet meer lezen of schrijven, maar aan de andere kant: dat kon hij daarvoor ook al niet.
Op de foto overigens niet Jorge, maar gewoon een uitgebuite jongere die tegen praktisch geen betaling op de markt moet staan.

Foto María Luísa Corazón del Ángel

Beroemde Managuayanen: Lópi, de Koning van de Wind

Lópi na de uitreiking van zijn 25ste gouden plaat in 1987

Een laatste zucht en hij was niet meer. Bernaldo Sánchez Knetemann, alias Lópi, ‘de Koning van de Wind’, is vanochtend na een kort ziekbed overleden. Lópi groeide de afgelopen decennia uit tot een onwaarschijnlijke volksheld door het laten van winden tot kunst te verheffen. Hij is 79 jaar geworden.
El Rey Rectal, De Berdien Stenberg van de Korte Fluit, El Analísimo – de bijnamen waren talrijk. Lópi bracht het eenvoudige volksvermaak van zijn zuidelijke geboortegrond – scheten laten op de melodie van straatdeuntjes, oftewel petomanie – naar de podia van de grote theaters van Managuay. Scepsis wist hij te overwinnen door zijn charme, maar vooral door een meesterlijke beheersing van zijn anus te koppelen aan een absoluut gehoor.
De grote doorbraak volgde na een optreden in het Koninklijk Theater van Mataquintos in 1964, waar de toenmalige militaire junta aanwezig was. Lópi opende met de mars uit de Notenkraker-suite van Beethoven, waarna hij virtuoos de hymnes van alle negentien provincies van Managuay achter elkaar blies. Het leverde hem een onverwachte staande ovatie op van generaal Biftec (en een ernstige sluitspierblessure).
Chansonnière en amateur-petomaan Miercoles Sosa roemt Lópi’s missiewerk. ‘Vroeger was het laten van een scheet iets waar je je voor schaamde. Tegenwoordig is het een eerbaar beroep.’ Sosa is tevens jurylid van de petomanenjacht Trompeta.
De laatste jaren bracht Lópi, doof en incontinent, door in zijn villa op de pampa’s, slechts vergezeld van zijn jongste zoon en zijn persoonlijke kurkenmaker. Lópi overleed aan een darmontsteking.